gelijke kansen

Elke letter telt! Kansengelijkheid in spellen en lezen

Goed leren lezen en spellen is meer dan alleen een didactische opgave. Het raakt direct aan de kansen die kinderen krijgen om mee te doen op school en later in de samenleving. Zeker op een school met grote verschillen in taalachtergrond vraagt dat om meer dan een goede methode: het vraagt om heldere keuzes, gezamenlijke routines en een team dat weet waarom het doet wat het doet.

Op de Caeciliaschool in Amersfoort werken leraren daarom van groep 1 tot en met 8 aan een samenhangende aanpak voor lezen en spelling. Het uitgangspunt is dat alle leerlingen de school goed geletterd verlaten. Dat begint al bij kleuters, met gerichte aandacht voor klanken en klankgebaren, en loopt door in vaste instructieroutines, directe feedback en duidelijke afspraken over wat leerlingen in iedere groep leren.

Leerkracht en spellingspecialist Heleen Fokker en teamleider Janneke Smit laten zien dat zo’n doorgaande lijn niet ontstaat door simpelweg een methode te kiezen. Het vraagt om samen lessen voorbereiden, oefenen, leerlingwerk bespreken, resultaten analyseren en gemaakte afspraken steeds opnieuw toetsen aan de praktijk. Daarbij speelt ook schoolleiding een inhoudelijke rol: focus aanbrengen, tijd organiseren en bewaken dat onderwijsontwikkeling daadwerkelijk bijdraagt aan wat leerlingen nodig hebben.

De Caeciliaschool is één van de expertisescholen van Ontwikkelkracht. Interesse om als school meer te leren van deze experts? Meld je aan en doe mee aan het leertraject!

Kernpunten uit het gesprek

🧩 Een doorgaande lijn vraagt om gezamenlijke afspraken. Leraren moeten niet alleen weten wat zij in hun eigen groep doen, maar ook waar leerlingen vandaan komen en waar zij daarna naartoe gaan.

🎯 Gelijke kansen worden verbonden aan sterke instructie. Juist wanneer kinderen met uiteenlopende taalervaringen binnenkomen, kan een gezamenlijke, leraargestuurde basis ervoor zorgen dat iedereen toegang krijgt tot dezelfde essentiële kennis.

🔄 Directe feedback is onderdeel van het leerproces. Leerlingen controleren en verbeteren hun werk meteen, zodat fouten niet alleen worden vastgesteld maar direct worden gebruikt om verder te leren.

🪞 Toetsresultaten zijn vooral informatie voor de leraar. De centrale vraag is niet alleen hoe een leerling scoort, maar wat de uitkomsten zeggen over het onderwijs en welke aanpassing in het handelen van de leraar nodig is.

🤝 Onderwijskwaliteit wordt gezamenlijk onderhouden. Kwaliteitskaarten, lesbezoeken, gezamenlijke oefening en whiteboardsessies zorgen ervoor dat afspraken geen papieren documenten blijven, maar onderdeel worden van het dagelijkse professionele handelen.

Quotes uit het gesprek:

“Het begint bij de leraar. Die maakt het verschil in die groep.”

“Een fout maken is niet erg. Dat je hem goed verbetert, is wel wenselijk voor een leerling.”

“Voor ons is toetsen vooral de vraag: geven we nog goed les? Het is eigenlijk onze eigen spiegel.”

Deze aflevering maakt deel uit van een bijzondere podcastserie, ontwikkeld in samenwerking met Ontwikkelkracht. Ontwikkelkracht is een landelijk programma dat scholen ondersteunt bij duurzame onderwijsontwikkeling, door wetenschap en praktijk met elkaar te verbinden en leren over de grenzen van scholen heen te stimuleren. In deze serie gaan we in gesprek met expertisescholen en betrokken professionals over thema’s als curriculumontwikkeling, krachtig onderwijskundig leiderschap en effectieve teamsamenwerking. We verkennen wat werkt, waarom het werkt en wat andere scholen hiervan kunnen leren. Wil je laagdrempelig meedoen of meer informatie over de expertisescholen? Check dan hier de link!

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Tijdstempels

00:00 Gelijke kansen
03:19 Diverse school
04:24 Geletterde basis
06:36 Sterke instructie
07:09 Directe feedback
08:52 Kwaliteit borgen
10:15 Samen verbeteren
14:09 Elke letter
15:10 Doorgaande lijn
18:30 Gezamenlijke doelen
21:07 Bewuste keuzes
23:08 Vaste routines
26:32 Onderbouwd handelen
27:59 Toetsen benutten
28:55 Onderwijskundig leiderschap

Bronnen

José Schraven – Zo leer je kinderen lezen en spellen: Handboek voor groep 2 t/m 8. Dit is de methodiek waar in het gesprek expliciet naar wordt verwezen. De aanpak richt zich op gestructureerde, leerkrachtgestuurde instructie voor technisch lezen en spellen en op een doorgaande lijn door de school.
Uitgeverij Pica – Zo leer je kinderen lezen en spellen

Bea Ros, Amos van Gelderen, Kees de Glopper & Roel van Steensel – Leer ze lezen: Praktische inzichten uit onderzoek voor leraren basisonderwijs (2021). Het boek bundelt inzichten uit 23 internationale kernpublicaties over goed leesonderwijs, van ontluikende geletterdheid tot technisch lezen en tekstbegrip.
Rijksuniversiteit Groningen – Leer ze lezen

Ontwikkelkracht – Elke letter telt: Kansengelijkheid in lezen en spellen. Het leertraject van Kindcentrum Caeciliaschool in Amersfoort richt zich op een consistente doorgaande lijn van groep 1 tot en met 8, gezamenlijke afspraken, leerkrachtgestuurde instructie en een cultuur van gezamenlijk verbeteren.
Ontwikkelkracht – Elke letter telt

Hoe helpt duidelijke taal en concrete curriculumdoelen het onderwijs verder?

Woorden als betekenisvol, samenhang en vakoverstijgende domeinen klinken aantrekkelijk, maar wat gebeurt er als zulke begrippen het curriculum gaan dragen zonder precies te maken wat leerlingen daadwerkelijk moeten kennen en kunnen? Volgens docent Nederlands David Roelofs is dat geen semantische kwestie, maar een probleem dat rechtstreeks raakt aan kansenongelijkheid, vakmanschap en de kwaliteit van onderwijs.

Een helder curriculum hoeft de leraar volgens hem niet te beperken. Integendeel: duidelijke inhoud kan juist het fundament vormen waarop professioneel handelen mogelijk wordt. Zoals een vakman materiaal nodig heeft om zijn ambacht uit te oefenen, heeft een leraar kennisdoelen nodig om goede lessen te kunnen ontwerpen.

Het gesprek gaat daarmee ook over een bredere pedagogische vraag. Wanneer helpen vrijheid, keuze en openheid leerlingen verder, en wanneer hebben zij juist structuur, kennis en duidelijke grenzen nodig? Roelofs verbindt die discussie aan de herijking van de Vlaamse minimumdoelen. Gericht op vakinhoudelijk onderwijs, hoge verwachtingen en het belang van historische en culturele kennis. Wat kan Nederland hiervan leren? En welke gevolgen hebben de keuzes die landelijk gemaakt worden op leerlingen uit kwetsbare milieus?

Ook gezag komt aan bod: veiligheid ontstaat volgens hem niet alleen doordat leerlingen zich gehoord voelen, maar juist ook door voorspelbaarheid, heldere normen en consequent handelen. Ook hier loopt Nederland nogal achter te feiten aan aldus Roelofs. De bredere vraag is daarmee hoe onderwijs vrijheid kan combineren met een stevige basis op het gebied van kennis, structuur, gedrag op school en hoge verwachtingen.

Kernpunten uit het gesprek:

🎯 Duidelijke curriculumdoelen ondersteunen vakmanschap. Als doelen te abstract zijn geformuleerd, moeten leraren zelf eerst bepalen wat er precies geleerd moet worden voordat zij aan goed onderwijs kunnen beginnen.

🧱 Basiskennis gaat vooraf aan complexe samenhang. Vakoverstijgend en kritisch denken worden volgens Roelofs pas werkelijk mogelijk wanneer leerlingen eerst voldoende kennis binnen afzonderlijke vakgebieden hebben opgebouwd.

⚖️ Hoge verwachtingen zijn ook een kwestie van kansengelijkheid. Vage doelen kunnen lage verwachtingen legitimeren, juist voor leerlingen die vanuit huis met minder taal- of voorkennis beginnen.

🧭 Veiligheid vraagt om voorspelbaarheid. Heldere regels, routines en consequenties beschermen leerlingen tegen willekeur en voorkomen dat informele groepsmacht bepaalt wat de norm wordt.

📚 Niet alles hoeft direct betekenisvol te voelen. Leerlingen hoeven tijdens het leren nog niet altijd te begrijpen waarom bepaalde kennis, literatuur of geschiedenis waardevol is; dat inzicht kan later ontstaan.

Quotes uit het gesprek:

“Veiligheid is voorspelbaarheid.”

“Je hoeft op het moment van leren niet te begrijpen waarom het waardevol is.”

“Die minimumdoelen betekenen iets voor de leerling: dit moet je kennen en kunnen.”

Tijdstempels

00:00 – Duidelijke taal
03:20 – Leraars vakmanschap
07:34 – Vlaamse minimumdoelen
10:02 – Vakgerichte kennis
12:01 – Complexe werkelijkheid
14:50 – Postmoderne vloek
16:49 – Spellings attitude
18:12 – Historische kennis
21:07 – Vage taal
22:32 – Pedagogisch gezag
28:40 – Hoge verwachtingen
33:27 – Concrete doelen
34:55 – Waardevol leren
37:21 – Curriculum bouwen
38:43 – Gezamenlijke opdracht

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Bronnen en verdieping

Wouter Smets – Voorbij de kennisarmoede?
Over het belang van een stevige kennisbasis en de keuzes achter duidelijke minimumdoelen in het onderwijs.

Zwarte zwanen – Iliass El Hadioui
Over scholen die met hoge verwachtingen en doelgericht onderwijs kansenongelijkheid proberen te verkleinen.

Francis Fukuyama – The End of History and the Last Man
Relevant bij de discussie over historische kennis, postmodern denken en de vraag waarom kennis van het verleden nodig blijft.

Waar zit de bron van de rekenramp in NL (en wat kunnen we eraan doen)?

Goed leren rekenen draait niet alleen om het vinden van het juiste antwoord. Het vraagt om een stevige basis van kennis en procedures waarop later complexere wiskunde kan worden gebouwd. Volgens wiskundeleraar en auteur Liesbeth van der Plas is juist die basis in het Nederlandse rekenonderwijs te kwetsbaar geworden.

Van der Plas ziet leerlingen in het voortgezet onderwijs binnenkomen die onvoldoende met breuken kunnen rekenen, terwijl die kennis noodzakelijk is voor algebra, natuurkunde en andere bètavakken. Een belangrijke oorzaak ziet ze in een curriculum waarin leerlingen veel verschillende strategieën en contextopgaven aangeboden krijgen, maar fundamentele rekenbewerkingen onvoldoende automatiseren en beheersen. Deze problematiek werkt volgens haar door tot in de lerarenopleiding. Pabo-studenten kunnen een rekentoets halen zonder noodzakelijkerwijs boven de rekenstof te staan die ze later zelf moeten onderwijzen. Daarmee ontstaat een vicieuze cirkel.

De oplossing zoekt Van der Plas niet in méér doelen of complexere methodes, maar juist in vereenvoudiging: een beperkt aantal fundamentele rekenprocedures expliciet aanleren, veel oefenen en pas daarna ruimte maken voor toepassing, flexibiliteit en creativiteit. Aan de hand van specifieke voorbeeldopgaven bespreken we hoe dit eruit kan zien in de dagelijkse praktijk.

Kernpunten uit het gesprek:

🧱 Een stevige beheersing van optellen, aftrekken, vermenigvuldigen, delen en breuken vormt volgens Van der Plas het fundament waarop later algebra, wiskunde en andere bètavakken worden gebouwd.

🔄 Het aanbieden van meerdere oplossingsstrategieën kan volgens haar juist extra cognitieve belasting veroorzaken. Vooral leerlingen die moeite hebben met rekenen kunnen afhaken wanneer ze telkens opnieuw een andere werkwijze moeten leren.

🎓 De problemen werken volgens Van der Plas door tot de pabo: toekomstige leraren kunnen formeel een rekentoets halen, terwijl ze bepaalde basisbewerkingen nog onvoldoende beheersen of uitleggen.

🧠 Motivatie ontstaat niet alleen door rekenen aantrekkelijk of herkenbaar te maken. Succeservaringen en beheersing kunnen er juist voor zorgen dat leerlingen plezier krijgen in het vak en de onderliggende structuur gaan zien.

🔍 Goed rekenonderwijs vraagt volgens het gesprek ook om vakmanschap van leraren: zelf boven de stof staan, kritisch naar methodes kijken en bewust bepalen welke oefeningen werkelijk bijdragen aan het beoogde leerdoel.

Quotes uit het gesprek:

“Creativiteit, motivatie en verschillende oplossingen zoeken als leerling zijn allemaal belangrijk. Maar dat komt pas daarna. Je moet eerst kunnen optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen.”

“De essentie van rekenen is voor mij dat je het kunt opschrijven. Dat je de berekening laat zien en laat zien: ik snap hoe dit in elkaar zit.”

“Als je dit als kind niet meekrijgt, omdat je zoveel strategieën krijgt en het hele rekenbouwwerk niet overziet als je de basisschool verlaat, dan zie je niet hoe mooi wiskunde in elkaar zit.”

Tijdstempels

00:00 – Rekenproblemen Nederland
01:16 – Ontbrekende voorkennis
03:08 – Breuken beheersen
05:31 – Rekenmethode ontwikkelen
07:12 – Bètakeuze motivatie
09:11 – Vicieuze cirkel
11:06 – Rekentoets tekort
13:32 – Realistische context
15:16 – Cognitieve belasting
16:20 – Meerdere strategieën
18:51 – Basisbewerkingen beheersen
22:20 – Breuken rekenen
25:29 – Maatschappelijke gevolgen
29:10 – Pabo verantwoordelijkheid
36:12 – Schoolteams verbeteren

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Bronnen en verdieping

Rekenen voor de Pabo – Liesbeth van der Plas
Boek met uitleg, oefeningen en uitgewerkte antwoorden voor pabo-studenten.

Foutloos leren rekenen in groep 7 en 8 – Liesbeth van der Plas
Materiaal gericht op het systematisch beheersen van rekenvaardigheden in de bovenbouw van het basisonderwijs.

De gelukkige rekenklas aan het werk
Bundel waarin Van der Plas een hoofdstuk schreef over de staat van ons rekenonderwijs.

Sommenfabriek.nl
Website met uitleg, oefeningen en instructiemateriaal waar Van der Plas in het gesprek naar verwijst.

Rekenen voor het voortgezet onderwijs met een uitwerking van de rekendoelen en uitwerkingen op de middelbare school

Wat doen zwarte zwanen scholen anders?

Kansengelijkheid en onderwijskwaliteit worden vaak besproken alsof scholen moeten kiezen: óf toegankelijker worden, óf de lat hoger leggen. Het gesprek met Iliass El Hadioui laat juist zien waarom die tegenstelling tekortschiet. Sommige scholen slagen erin om leerlingen uit kapitaalarme omgevingen structureel méér leerontwikkeling te bieden, zonder hun pedagogische opdracht te versmallen tot toetsresultaten. Zulke scholen noemt hij zwarte zwanen: uitzonderingen binnen het systeem die tegen de verwachting in veel impact hebben. Hij schreef hierover een nieuw boek: Zwarte Zwanen Scholen, over ik, wij en de cultuur van hoge verwachtingen.

Het interessante is niet dat deze zwarte zwanen scholen een wonderrecept hebben uitgevonden. Het gaat eerder om een verfijnde professionele cultuur waarin individualiteit en collectiviteit elkaar versterken. Leraren behouden hun vakmanschap en autonomie, maar weten ook wanneer gezamenlijke afspraken nodig zijn. Schoolteams durven te kiezen, prioriteren en handelen naar wat zij weten over hun leerlingen. Eerder sprak ik Iliass in aflevering 373 over de vraag hoe te bouwen aan een cultuur van hoge verwachtingen.

Kernpunten uit de podcast:

Zwarte zwanenscholen combineren kansengelijkheid met hoge onderwijskwaliteit. Ze laten zien dat inclusiever onderwijs niet hoeft te betekenen dat de lat lager komt te liggen.

🧭 De kern zit niet in één methode, maar in cultuur. Sterke scholen verbinden individuele professionaliteit met collectieve verantwoordelijkheid, zonder te vervallen in los zand of groepsdenken.

📊 Data krijgen pas betekenis in samenhang. Lage leerresultaten, hoge medewerkerstevredenheid of sterke basisrust zeggen afzonderlijk weinig; de vraag is hoe scholen die gegevens met elkaar verbinden.

🌱 Sense of belonging en cognitieve ontwikkeling horen bij elkaar. Leerlingen moeten zich verbonden voelen, maar die verbondenheid moet ook gekoppeld zijn aan groei, zelfvertrouwen en leervermogen.

🔍 Niet alles tegelijk willen doen is een vorm van professionaliteit. Zwarte zwanenscholen kiezen enkele prioriteiten en werken daar systematisch en langdurig aan.

Quotes uit het gesprek

“De kern van zwarte zwaneninstituten is dat ze productiever zijn. Ze zijn in staat om de ervaren of geconstrueerde problemen van mensen daadwerkelijk op te lossen.”

“Het theoretiseren van de praktijk en het praktiseren van theorie: die tweebenigheid is denk ik echt essentieel.”

“We zijn heel goed in dingen erbij doen, maar we zijn met elkaar gewoon niet zo goed om dingen uit het curriculum te halen.”

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. Hét vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar én extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Tijdstempels

00:04 – Onderwijskundige start
02:00 – Kansengelijkheid en Kwaliteit
03:22 – Zwarte Zwanen
05:30 – Toetscultuur en Verschillen
08:22 – Afwijkende Scholen
10:22 – Theorie Praktijk
12:20 – Collectieve Verwachtingen
15:21 – Pedagogische Vraagstukken
16:20 – Individualiteit Collectiviteit
20:08 – Productief Handelen
24:02 – Data Duiden
27:55 – Groter of Kleiner
31:21 – Vooroordelen Doorbreken
36:21 – Samenwerken Afbakenen
39:54 – Verbonden Leren

Wat kunnen onderwijsgedichten ons leren?

Onderwijsgedichten lijken op het eerste gezicht misschien een niche: poëzie over school, leraren, leerlingen, lezen, rekenen en orde handhaven in de klas. Maar wie ze historisch naast elkaar legt, ziet iets groters ontstaan. Ze laten zien welke vragen het onderwijs al eeuwen met zich meedraagt: hoe wek je nieuwsgierigheid? Wat betekent het om kinderen toegang te geven tot taal, kennis en rekenen? Hoe voorkom je dat het curriculum steeds voller raakt? En wat vraagt onderwijs van de leraar?

Henk Sissing stelde samen met Theo Magito een omvangrijke bundel samen met Nederlandstalige onderwijsgedichten vanaf de dertiende eeuw tot nu. In deze podcast leest Henk Sissing meerdere gedichten. We reflecteren vervolgens op de onderwijsvraagstukken van toen en nu. Uit de bundel komt een verrassend beeld naar voren: veel onderwijskwesties die vandaag urgent voelen, zijn niet nieuw. Kansengelijkheid, leesvaardigheid, praktische toepasbaarheid van rekenen, de voorbeeldrol van de leraar en de overladenheid van het onderwijs keren bijvoorbeeld regelmatig terug. Juist poëzie maakt die continuïteit zichtbaar. Niet als beleidsnota of onderwijskundig model, maar als geconcentreerde leeservaring. Een gedicht kan ons misschien in enkele regels laten zien waar onderwijs om draait: nieuwsgierigheid, overdracht, vorming, mededogen en de vraag wat kinderen nodig hebben om hun wereld te vergroten.

Kernpunten uit de podcast:

🔍 Onderwijsgedichten maken zichtbaar dat veel actuele onderwijsvragen een lange geschiedenis hebben. Thema’s als lezen, schrijven, rekenen, kansengelijkheid en curriculumdruk keren al eeuwen terug.

📚 Lezen wordt in het gesprek niet alleen gezien als vaardigheid, maar als toegang tot de wereld. Leraren hebben daarin een voorbeeldrol: kinderen moeten kunnen zien dat volwassenen zelf lezen, zoeken en denken.

🧭 Nieuwsgierigheid is een terugkerend motief. Een leraar die zelf geraakt is door de wereld, kan leerlingen meenemen in verwondering, onderzoek en zelfstandig denken.

⚖️ Kansengelijkheid blijkt geen modern beleidswoord alleen. Al in oudere teksten klinkt de oproep om arme kinderen via onderwijs bescherming, ontwikkeling en perspectief te bieden.

🧩 De overladenheid van het curriculum is hardnekkig. Nieuwe thema’s worden vaak toegevoegd, maar de vraag wat er dan vanaf gaat, blijft moeilijk te beantwoorden.

Quotes uit het gesprek

“Als je zelf niet nieuwsgierig bent, hoe kun je je nieuwsgierigheid dan overdragen aan je leerlingen?”

“Waar is 600 jaar later ons mededogen gebleven? Waar is onze compassie gebleven?”

“We zijn heel goed in dingen erbij doen, maar we zijn met elkaar gewoon niet zo goed om dingen uit het curriculum te halen.”

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. Hét vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar én extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Tijdstempels

00:03 – Ontstaan van de bundel
02:39 – Gedichten zoeken
04:50 – Historische thema’s
06:43 – Favoriet gedicht
10:42 – Onderwijs marketing
15:02 – Nieuwsgierige van de leraar
18:11 – Wereld openen
24:18 – Gelijke kansen
31:28 – Lezen leren
34:00 – Leesvoorbeeld tonen
39:02 – Rekenen toepassen
42:49 – Caribische stemmen
44:45 – Lofdicht leraar
47:06 – Curriculum overladen
50:30 – Slotreflectie onderwijs

Hoe ontwikkel je een levend taalbeleid?

Op het Vlietland College zagen collega’s dat leerlingen niet altijd meer vanzelfsprekend plezier hadden in het lezen van literatuur. Ook bij andere vakken dan Nederlands, Engels of Frans lagen kansen om taal bewuster te verbinden aan het leren: bij het lezen van opdrachten, het begrijpen van vaktaal en het zorgvuldig formuleren van antwoorden. Daarom begon de school kleinschalig, met taal als onderdeel van alledaagse activiteiten in de les.

In dit gesprek laten Tommy Hopstaken en Joran Pereira zien hoe taalbeleid kan uitgroeien tot een gedeelde schoolcultuur. Niet door grote plannen op te leggen, maar door klein te beginnen: vijf minuten lezen aan het begin van elke les, een positieve taalbonus op toetsen, een taalkaart als hulpmiddel en een mediatheek die leerlingen helpt om boeken te vinden die bij hen passen.

Opvallend is hoe zorgvuldig de school werkt met gegevens uit de eigen praktijk. Via een jaarlijkse taalscan worden leerlingen, collega’s, ouders en schoolleiding betrokken. Zo ontstaat beleid dat niet alleen evidence-informed is, maar ook past bij de context van de school. Taal wordt hier niet gezien als een apart vakgebied, maar als voertuig voor leren, denken en formuleren in alle vakken.

Kernpunten uit het gesprek

📚 Taalbeleid leeft pas als het zichtbaar wordt in routines, ruimtes en gesprekken binnen de school. Op het Vlietland College gebeurt dat via lezen in alle lessen, posters, toetsafspraken en speelt de mediatheek een belangrijke centrale rol.

🧩 Kleine interventies kunnen veel draagvlak creëren. Zo werkt de taalbonus vooral omdat die positief, haalbaar en beperkt is: één ‘geheime’ toetsvraag wordt ook expliciet op taal bekeken.

🔍 De jaarlijkse taalscan maakt taalbeleid concreet en cyclisch. Door op één dag gegevens te verzamelen bij leerlingen, ouders, collega’s en schoolleiding ontstaat een breed beeld van taalniveau, leesmotivatie, taalplezier en taalcultuur.

🧑‍🏫 Een sterk taalteam bestaat niet alleen uit docenten Nederlands. Juist de combinatie met wiskunde, andere vakken, de mediathecaris en schoolleiding maakt het beleid schoolbreed en praktisch uitvoerbaar.

🌱 Evidence-informed werken betekent hier niet dat alles vooraf perfect bewezen moet zijn. Wetenschappelijke literatuur, professionele ervaring en kennis van de eigen schoolcontext worden naast elkaar gebruikt.

Quotes uit het gesprek:

“Levend taalbeleid betekent volgens mij dat je met zijn allen een taalcultuur op school creëert waarbij het vanzelfsprekend is dat taal belangrijk is.”

“We kwamen er al gauw achter: volgens mij moet je het juist positief maken en een bonus geven als het wel goed gaat.”

“Je kan dat plan wel kopiëren, maar dan kopieer je niet de kennis.”

Deze aflevering maakt deel uit van een bijzondere podcastserie, ontwikkeld in samenwerking met Ontwikkelkracht. Ontwikkelkracht is een landelijk programma dat scholen ondersteunt bij duurzame onderwijsontwikkeling, door wetenschap en praktijk met elkaar te verbinden en leren over de grenzen van scholen heen te stimuleren. In deze serie gaan we in gesprek met expertisescholen en betrokken professionals over thema’s als curriculumontwikkeling, krachtig onderwijskundig leiderschap en effectieve teamsamenwerking. We verkennen wat werkt, waarom het werkt en wat andere scholen hiervan kunnen leren. Wil je laagdremelig meedoen of meer informatie over de expertisescholen? Check dan hier de link!

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Tijdstempels

00:23 – Introductie en ontwikkelkracht
01:07 – Levend taalbeleid
02:49 – Wiskunde en taal
03:57 – Eerste aanleiding
05:42 – Vijf minuten
07:59 – Taalcultuur bouwen
09:40 – Taalbonus toetsen
12:25 – Taal zit in ons DNA
13:42 – Taalscan dag
16:13 – Mediatheek veranderen
18:10 – Slim taalteam
19:35 – Onderzoek gebruiken
22:58 – Taalkaart toetsen
24:43 – Veelgemaakte fouten?
28:49 – Expertise delen

(Hoe) is inclusief onderwijs eigenlijk een haalbare kaart?

Inclusief onderwijs klinkt als een breed gedragen ideaal: kinderen leren zoveel mogelijk samen, dichtbij huis en met onderwijs dat aansluit bij hun behoeften. Maar tussen dat ideaal en de dagelijkse werkelijkheid van scholen zit veel spanning. Want wat betekent inclusie als leerlingen vastlopen, leraren handelingsverlegen worden en gespecialiseerde ondersteuning juist nodig blijkt om kinderen weer tot leren te brengen?

Ate de Boer laat zien dat de discussie over inclusief onderwijs niet alleen over overtuigingen moet gaan, maar ook over patronen, data en realistische verwachtingen. In het speciaal basisonderwijs worden al jaren toetsgegevens van duizenden leerlingen verzameld. Die gegevens laten zien dat er duidelijke doelgroepen bestaan, maar ook dat binnen die doelgroepen grote verschillen zichtbaar blijven. Gemiddelden helpen dus om beter te begrijpen wat leerlingen nodig hebben, zolang ze het individuele kind niet onzichtbaar maken. Hierover doet Ate met een groep collega’s onderzoek naar.

De kernvraag is daarmee niet simpelweg of leerlingen wel of niet in het reguliere onderwijs kunnen blijven. De vraag is welke onderwijspraktijken, vormen van ondersteuning en professionele keuzes daarvoor nodig zijn. Inclusie vraagt geen grote woorden, maar zorgvuldig onderzoek, gezamenlijke verantwoordelijkheid en de bereidheid om te blijven puzzelen wanneer het ingewikkeld wordt.

Kernpunten uit de podcast:

🔍 Inclusief onderwijs vraagt om normaliseren: verschillen tussen leerlingen horen bij onderwijs, ook wanneer die verschillen groot of ingewikkeld zijn.

📊 De benchmark in het speciaal basisonderwijs laat zien dat er duidelijke doelgroepen bestaan, maar ook dat binnen die groepen de spreiding groot blijft.

🧩 Gemiddelde ontwikkelpatronen kunnen scholen helpen om realistischer verwachtingen te formuleren, zonder het individuele perspectief van leerlingen los te laten.

🏫 De haalbaarheid van inclusie hangt sterk samen met wat er in de klas gebeurt: ondersteuning moet leraren praktisch helpen, niet vooral leiden tot extra plannen en verantwoording.

🌱 Succesvolle inclusieve initiatieven beginnen vaak klein, met betrokken mensen, maar moeten snel worden ingebed in beleid en organisatie om duurzaam te worden.

Quotes uit het gesprek

“We moeten gaan accepteren dat die uiteinden er gewoon zijn. Soms heb je die en soms niet, soms in wat extremere mate, soms niet.”

“Als je in het kader van inclusie als reguliere school denkt: wij moeten deze leerling houden, maar je kan het niet, dan heeft de leerling daar schade van.”

“Je moet dus willen ploeteren. Want het zal niet makkelijk worden.”

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. Hét vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar én extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Tijdstempels

00:04 – Inclusieve vraag
02:04 – Eerste reactie
03:03 – Passend onderwijs
04:15 – Normale verschillen
06:43 – Populatie kijken
08:10 – Benchmark uitleg
10:23 – Doelgroepen vergelijken
12:02 – Toetsgegevens verzamelen
15:09 – Interne spreiding
17:10 – Ontwikkelpatronen begrijpen
21:26 – Onderzoekstekort zichtbaar
23:45 – Financiële spanning
27:44 – Inclusie uitvoeren
30:41 – Ondersteuning organiseren
33:01 – Ploeterend ontwikkelen

Zo leer je kinderen goed rekenen (met een bal)

Er zijn weinig mensen uit het speciaal basisonderwijs die Douwe Sikkes niet kennen. Hij heeft honderden, misschien wel duizenden kinderen goed leren rekenen. De methodiek, voor sommigen bekend als leren rekenen met de bal, bestaat uit veel herhaling, stapsgewijs oefenen en toewerken naar volledige beheersing (ook wel: mastery learning). Douwe maakt zich zorgen over de actuele problemen rondom het rekenonderwijs in het primair onderwijs. Nog steeds denkt hij dat er veel te leren is van zijn eenvoudige methodiek: zo leren kinderen rekenen. Niet alleen voor kinderen die naar het speciaal basisonderwijs gaan, maar voor alle kinderen! Waarom maken we het zo ingewikkeld vandaag de dag?

Centraal staat een eenvoudig maar krachtig idee: kinderen kunnen pas verder als de onderliggende laag echt beheerst wordt. Wie niet soepel tot 20 kan rekenen, loopt vast bij sommen tot 100. Wie letters en klanken onvoldoende kent, krijgt moeite met woorden, zinnen en verhalen. Sikkes verzet zich tegen het idee dat leerlingen rekenstrategieën vooral zelf moeten ontdekken. Voor veel kinderen, zeker als zij al onzeker zijn geworden, zorgt dat juist voor verwarring.

Zijn aanpak draait niet om trucjes, maar om systematisch oefenen, succeservaringen en vertrouwen ontwikkelen. De bal speelt daarin een bijzondere rol: niet als grappig wondermiddel, maar als manier om concentratie, beweging en aandacht te verbinden. Het gesprek laat zien hoe groot de pedagogische impact kan zijn van didactische helderheid. Niet harder werken, maar preciezer kijken wat kinderen nodig hebben.

Kernpunten uit de podcast:

⚽ De bal ontstond aanvankelijk als korte beweegpauze, maar werd later onderdeel van een aanpak waarin concentratie, ritme en oefenen samenkomen.

🧱 Sikkes ziet rekenen als een bouwwerk: als één laag ontbreekt, wordt alles wat daarna komt kwetsbaar.

🧠 Zelf ontdekkend leren werkt volgens hem niet voor alle kinderen; juist zwakke rekenaars hebben behoefte aan één duidelijke strategie en veel herhaling.

📚 Dezelfde principes past hij toe bij spelling en lezen: eerst letters en klanken, daarna woorden, zinnen, verhalen en samenvattingen.

🌱 Succeservaringen veranderen volgens Sikkes niet alleen prestaties, maar ook gedrag, motivatie en zelfvertrouwen.

Quotes uit het gesprek

“Het gaat er niet om dat je keihard werkt. Het gaat erom dat je de juiste dingen doet.”

“Rekenen is een soort bouwwerk. En als één laagje ontbreekt, dan gaat het al mis.”

“Als je niet kunt rekenen, lezen en schrijven in deze maatschappij, dan ben je toch zwaar gehandicapt.”

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. Hét vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar én extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Tijdstempels

00:05 – Rekenen bewegen
01:36 – Hersenen concentratie
04:06 – Vroege methodes
06:31 – Inspectie reflectie
07:16 – Voetbalbasis rekenen
09:15 – Tiental sprong
11:02 – Eenduidige strategie
13:49 – Succeservaringen zelfvertrouwen
16:50 – Methodekritiek rekenen
19:49 – Spelling opbouw
22:51 – Oefenen herhalen
24:30 – Rekenen bouwwerk
32:33 – Rust structuur
34:38 – Basisvaardigheden samenleving
36:54 – Kleinkinderen vooruitgang

Hoe breng je kennisrijk onderwijs echt tot leven in de klas?

Graag wil ik je attenderen op een nieuwe podcast serie die ik maak. In deze nieuwe podcast serie met de titel Geef Kennis Door ga ik met Loes de Smet en Erik Meester over bovenstaande vraag in gesprek aan de hand van de 30 thema’s van Wetenswaardig. In elke aflevering staat één thema centraal. Je krijgt niet alleen inzicht in de opbouw van het thema, maar hoort vooral hoe je het betekenisvol maakt voor leerlingen. Steeds schuift een andere gast aan: een leraar uit de praktijk of een expert die verdieping geeft. Zo ontstaat een combinatie van ontwerp, praktijk en reflectie – met concrete handvatten voor je eigen onderwijs. Deze eerste aflevering verschijnt ook mijn eigen kanaal. Check in de toekomst het kanaal Geef Kennis Door! Of bekijk het gesprek op YouTube.

Kernpunten uit het gesprek

🧭 Kennis vóór persoonsvorming
Leerlingen kunnen pas goed nadenken over identiteit, geloof en overtuigingen als ze eerst stevige kennis opbouwen over religies, levensbeschouwingen en de Nederlandse context van godsdienstvrijheid.

⚖️ Geloof is onderdeel van identiteit
Religie of levensbeschouwing kan belangrijk zijn voor wie iemand is, maar bepaalt nooit iemands hele identiteit. Kinderen leren dat mensen altijd uit meerdere lagen bestaan.

🔍 Identiteit staat niet vast
Aan de hand van filosofische vragen, zoals het schip van Theseus, kunnen leerlingen onderzoeken wat hetzelfde blijft en wat verandert aan wie je bent.

🌍 Religies verschillen én overlappen
Verhalen, waarden en tradities komen in verschillende religies soms verrassend dicht bij elkaar. Dat helpt leerlingen om overeenkomsten te zien naast verschillen.

✍️ Schrijven verdiept begrip
Korte schrijfopdrachten, kennismuren en een grotere schrijfopdracht zoals een respons helpen leerlingen om kennis actief te verwerken en te verbinden aan hun eigen klas en leefwereld.

Quotes uit het gesprek:

“Je geloof is natuurlijk eigenlijk altijd wel belangrijk, of je nu gelooft of niet. Het maakt een groot deel uit van wie je bent.”

“Identiteit staat niet vast. Het is heel interessant om daar met kinderen over te praten.”

“Of je nou christen bent of joods of moslim, dat is maar een onderdeeltje van wie je bent.”

Bekijk ons gesprek eens op YouTube! Let op: Deze podcast verschijnt op een ander kanaal (zie de link)

Tijdstempels

00:05 – Serie start
01:25 – Thema introductie
02:05 – Methode ontstaan
05:29 – Leerdoelen thema
07:18 – Godsdienstvrijheid Nederland
08:46 – Boven stof
10:18 – Bronnen gebruiken
11:37 – Religieuze overlap
12:38 – Favoriete les
14:00 – Identiteit onderzoeken
15:53 – Groepen maken
17:35 – Schrijven respons
20:02 – Kennismuur maken
21:38 – Creatieve verwerking
24:09 – Boekentips delen
26:41 – Begrijpend lezen

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. Hét vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar én extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Wat hebben leerlingen in het VSO nodig om tot leren te komen?

In deze podcast aflevering ben ik te gast bij VSO De Veenlanden in Almelo. Een school die speciaal voortgezet onderwijs aanbiedt aan kinderen tussen de 12 en 20 jaar met een cluster 4-indicatie. Dit zijn kinderen met gedrags- en psychiatrische problemen, die thuis of op school in de problemen zijn geraakt. Er gaan hier ongeveer 110 leerlingen naar school en er werken 46 gespecialiseerde onderwijsprofessionals. Het team van VSO De Veenlanden zet al jaren sterk in het op creëren van een veilige en stabiele leeromgeving. Ze doen dit vanuit het perspectief van verbindend gezag en geweldloos verzet.

Ik spreek hierover met Dirk Jan Robbe, directeur van VSO De Veenlanden en Youri Vendrig, docent economie en ondernemen. Hij is ook mentor van de vierdejaars leerlingen basis en kader. Leren begint hier niet bij de methode, maar bij veiligheid, voorspelbaarheid en relatie. Voor jongeren in het voortgezet speciaal onderwijs is school vaak geen neutrale plek meer: ze komen binnen met ervaringen van mislukking, wantrouwen of escalatie. Dat maakt de vraag urgent wat er eigenlijk nodig is voordat onderwijs weer mogelijk wordt.

In dit gesprek wordt duidelijk hoe sterk pedagogiek en didactiek met elkaar verweven zijn. Een leerling moet zich gezien weten, grenzen moeten helder zijn en professionals moeten hun eigen reacties leren begrijpen. Juist dat laatste krijgt veel aandacht: niet alleen kijken naar gedrag van leerlingen, maar ook naar wat gedrag oproept bij volwassenen. Verbindend gezag en geweldloos verzet worden daarbij niet neergezet als zachte alternatieven zonder grenzen, maar als een manier om gezag op te bouwen vanuit relatie, duidelijkheid en volgehouden aanwezigheid.

Tegelijk klinkt er een stevige analyse van het systeem door. Leerlingen komen later in beeld, zijn vaak al verder vastgelopen en moeten in minder tijd alsnog grote stappen zetten. Dat vergroot de druk op scholen die specialistisch werken, terwijl de maatschappelijke en beleidsmatige discussie vaak juist richting inclusie beweegt. De kern van het gesprek is daarom dubbel: deze leerlingen hebben maatwerk en specialistische ondersteuning nodig, én ze hebben net zo goed recht op krachtig, ambitieus onderwijs.

Kernpunten uit het gesprek

🔹 Veel leerlingen komen pas in het VSO terecht nadat zij in het reguliere onderwijs al langdurig zijn vastgelopen, waardoor scholen eerst veiligheid en vertrouwen moeten herstellen voordat leren weer mogelijk wordt.

🔹 Verbindend gezag betekent niet dat grenzen verdwijnen, maar dat gezag wordt opgebouwd vanuit relatie, duidelijkheid en de-escalatie in plaats van vanuit macht of straf.

🔹 Professionals moeten niet alleen het gedrag van leerlingen begrijpen, maar ook hun eigen triggers leren herkennen; pedagogisch handelen vraagt dus om zelfreflectie en intervisie.

🔹 De school biedt veel maatwerk, van diplomagerichte leerwegen tot arbeidsgerichte routes en één-op-één onderwijs, maar die breedte maakt de organisatie ook complex.

🔹 De grote opgave voor de komende jaren is om pedagogische kracht en didactische kwaliteit nog sterker met elkaar te verbinden, zodat leerlingen niet alleen tot rust komen, maar ook daadwerkelijk tot leren.

Quotes uit het gesprek:

“Je moet eerst de akker ploegen en daarna kun je pas zaaien.”

“Het ijs is meedogenloos als het koud is.”

“Ik denk dat leerlingen bij ons extra recht hebben op goed onderwijs.”

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Tijdstempels

00:00 – Welkom en introductie

00:53 – Doelgroep VSO

03:36 – Stedelijke context

04:32 – Zij instroom onderwijs

05:41 – Pedagogische basis

08:19 – Beschadigde instroom

10:53 – Schoolaanwezigheid

13:32 – Didactische druk

15:42 – Leerwegen maatwerk

19:25 – Professionele spanning

22:00 – Waakzame zorg

23:27 – Verbindend gezag

27:30 – Professionele zelfreflectie

32:20 – Ontwikkeling monitoren

34:28 – Toekomst VSO

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. Hét vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar én extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen?