Episode Archives

Wat is de staat van het vernieuwingsonderwijs in 2026?

Onderwijsvernieuwing klinkt al snel alsof alles anders moet. Maar juist in vernieuwingsscholen blijkt verandering vaak voort te bouwen op een lange traditie. Montessori-, Dalton-, Jenaplan- en andere vernieuwingsscholen zoeken al decennialang naar manieren om onderwijs breder te maken dan alleen kennisoverdracht: met aandacht voor zelfstandigheid, samenwerking, vorming en verantwoordelijkheid.

Volgens Symen van der Zee, lector bij het lectoraat Vernieuwend Onderwijs van de Saxion Hogeschool, zit vernieuwing daarom niet vanzelfsprekend in radicale verandering. Veel betekenisvolle vernieuwing ontstaat juist stap voor stap, dicht bij de praktijk en met oog voor wat al werkt. Tegelijkertijd stelt dat lastige vragen. Hoeveel ruimte is er voor brede vorming wanneer meetbare opbrengsten zwaar wegen? Wat betekent wetenschappelijke evidentie als onderzoek vooral naar smalle leerdoelen kijkt? En hoeveel ruimte moet een leraar hebben om bewust af te wijken van een methode of planning?

Het gesprek draait daarmee om een bredere vraag: wat verstaan we eigenlijk onder goed onderwijs? Niet alleen welke resultaten leerlingen behalen, maar ook welke mensen zij worden en welke professionele afwegingen leraren daarvoor dagelijks moeten maken.

Kernpunten uit het gesprek:

🧭 Onderwijsvernieuwing ontstaat zelden door een volledige breuk met het verleden. Volgens Van der Zee gaat het vaker om stapsgewijze verbetering waarbij nieuwe werkwijzen worden verbonden met bestaande tradities.

🌱 Traditionele vernieuwingsscholen richten zich nadrukkelijk op meer dan taal en rekenen. Ook zelfstandigheid, samenwerking, verantwoordelijkheid, zingeving en brede vorming maken onderdeel uit van hun onderwijsvisie.

⏳ Ruimte en vertraging kunnen pedagogisch waardevol zijn. Niet ieder belangrijk leer- of vormingsproces laat zich vooraf plannen, meten of onderbrengen in een strak lesblok.

🔬 Wetenschappelijke kennis is belangrijk, maar moet altijd worden geïnterpreteerd vanuit de context waarin onderzoek is uitgevoerd. Effectonderzoek geeft volgens Van der Zee geen neutraal of universeel antwoord op de vraag wat in iedere onderwijspraktijk werkt.

⚖️ Professioneel leraarschap vraagt om leren omgaan met spanningsvelden. Leraren moeten niet één model volgen, maar afwegen wanneer sturing, vrijheid, instructie of zelfstandigheid passend is.

Quotes uit het gesprek:

“Radicaal veranderen ten opzichte van een bestaande praktijk, zonder oog en aandacht voor de traditie in die praktijk, is heel lastig. Ik ken eigenlijk geen goede voorbeelden waarbij dat lukt.”

“Je dient als onderwijsprofessional wetenschappelijk geïnformeerd zijn. Maar je moet je ook kritisch kunnen verhouden tot die wetenschap.”

“Er is niet één beste model dat altijd voor iedereen werkt. Je hebt keuzes en dilemma’s.”

Tijdstempels

00:00 – Vernieuwend onderwijs
01:23 – Onderzoekslijnen vernieuwingsonderwijs
03:30 – Historische vernieuwing
06:54 – Stapsgewijze verandering
10:30 – Praktijkwijsheid opbouwen
12:39 – Onderwijsstaat vernieuwers
15:49 – Brede vorming
19:57 – Pedagogische ruimte
21:37 – Bewust vertragen
25:11 – Meetbare opbrengsten
29:04 – Vernieuwingspraktijken vandaag
34:26 – Wetenschappelijke evidentie
38:18 – Innovatie onderzoeken
40:24 – Geïnformeerd handelen
43:11 – Professionele dilemma’s

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Bronnen en verdieping

De Staat van het Vernieuwingsonderwijs 2026 – Vertragen in tijden van effectiviteit en efficiëntie
De centrale publicatie waar het gesprek naar verwijst, met aandacht voor pedagogische ruimte, brede vorming, effectiviteit en vertraging.

De Staat van het Vernieuwingsonderwijs 2026 – Nederlandse Jenaplan Vereniging
Pagina met de download van de publicatie en een toelichting op het centrale thema van vertraging en pedagogische ruimte.

De Staat van het Vernieuwingsonderwijs 2025
De eerste editie, met bijdragen over brede persoonsvorming, onderwijseffectiviteit, burgerschap, zelfregulerend leren en de traditie van vernieuwingsonderwijs.

Lectoraat Vernieuwend Onderwijs – achtergrond bij de eerste Staat
Saxion licht toe waarom de Staat van het Vernieuwingsonderwijs is ontwikkeld als aanvulling op het generieke beeld uit de Staat van het Onderwijs.

Vragenlijst Staat van het Vernieuwingsonderwijs 2026
Achtergrond bij het onderzoek naar kwaliteit, efficiëntie, vertraging, welzijn en ‘lege ruimte’ binnen traditioneel vernieuwingsonderwijs.

We bespraken daarnaast vier specifieke podcast afleveringen die de moeite waard zijn te bekijken of beluisteren:

Waarom heeft de wereld meer Jenaplan onderwijs nodig?
Over de filosofie en actualiteit van Jenaplanonderwijs, met aandacht voor brede ontwikkeling, stamgroepen, burgerschap en pedagogiek.

Kan schoonheid een onderwijsideaal zijn?
Met Hanke Drop en Joop Berding over schoonheid, creativiteit, maken, verbeeldingskracht en de ruimte voor vorming naast efficiëntie en meetbaarheid.

Reken het rekenonderwijs niet af op percentages leerlingen die 1S behalen
Met Arthur Bakker en Marian Hickendorff over de vraag hoe betekenisvol en betrouwbaar het is om de kwaliteit van rekenonderwijs af te meten aan het percentage leerlingen dat 1S behaalt.

Goed onderwijs met minder leerkrachten, (hoe) kan dat?
Met Karlijn de Jong over lerarentekorten, anders organiseren en de vraag hoe scholen met verschillende professionals toch pedagogische en didactische kwaliteit kunnen bewaken.

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. Hét vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar én extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Elke letter telt! Kansengelijkheid in spellen en lezen

Goed leren lezen en spellen is meer dan alleen een didactische opgave. Het raakt direct aan de kansen die kinderen krijgen om mee te doen op school en later in de samenleving. Zeker op een school met grote verschillen in taalachtergrond vraagt dat om meer dan een goede methode: het vraagt om heldere keuzes, gezamenlijke routines en een team dat weet waarom het doet wat het doet.

Op de Caeciliaschool in Amersfoort werken leraren daarom van groep 1 tot en met 8 aan een samenhangende aanpak voor lezen en spelling. Het uitgangspunt is dat alle leerlingen de school goed geletterd verlaten. Dat begint al bij kleuters, met gerichte aandacht voor klanken en klankgebaren, en loopt door in vaste instructieroutines, directe feedback en duidelijke afspraken over wat leerlingen in iedere groep leren.

Leerkracht en spellingspecialist Heleen Fokker en teamleider Janneke Smit laten zien dat zo’n doorgaande lijn niet ontstaat door simpelweg een methode te kiezen. Het vraagt om samen lessen voorbereiden, oefenen, leerlingwerk bespreken, resultaten analyseren en gemaakte afspraken steeds opnieuw toetsen aan de praktijk. Daarbij speelt ook schoolleiding een inhoudelijke rol: focus aanbrengen, tijd organiseren en bewaken dat onderwijsontwikkeling daadwerkelijk bijdraagt aan wat leerlingen nodig hebben.

De Caeciliaschool is één van de expertisescholen van Ontwikkelkracht. Interesse om als school meer te leren van deze experts? Meld je aan en doe mee aan het leertraject!

Kernpunten uit het gesprek

🧩 Een doorgaande lijn vraagt om gezamenlijke afspraken. Leraren moeten niet alleen weten wat zij in hun eigen groep doen, maar ook waar leerlingen vandaan komen en waar zij daarna naartoe gaan.

🎯 Gelijke kansen worden verbonden aan sterke instructie. Juist wanneer kinderen met uiteenlopende taalervaringen binnenkomen, kan een gezamenlijke, leraargestuurde basis ervoor zorgen dat iedereen toegang krijgt tot dezelfde essentiële kennis.

🔄 Directe feedback is onderdeel van het leerproces. Leerlingen controleren en verbeteren hun werk meteen, zodat fouten niet alleen worden vastgesteld maar direct worden gebruikt om verder te leren.

🪞 Toetsresultaten zijn vooral informatie voor de leraar. De centrale vraag is niet alleen hoe een leerling scoort, maar wat de uitkomsten zeggen over het onderwijs en welke aanpassing in het handelen van de leraar nodig is.

🤝 Onderwijskwaliteit wordt gezamenlijk onderhouden. Kwaliteitskaarten, lesbezoeken, gezamenlijke oefening en whiteboardsessies zorgen ervoor dat afspraken geen papieren documenten blijven, maar onderdeel worden van het dagelijkse professionele handelen.

Quotes uit het gesprek:

“Het begint bij de leraar. Die maakt het verschil in die groep.”

“Een fout maken is niet erg. Dat je hem goed verbetert, is wel wenselijk voor een leerling.”

“Voor ons is toetsen vooral de vraag: geven we nog goed les? Het is eigenlijk onze eigen spiegel.”

Deze aflevering maakt deel uit van een bijzondere podcastserie, ontwikkeld in samenwerking met Ontwikkelkracht. Ontwikkelkracht is een landelijk programma dat scholen ondersteunt bij duurzame onderwijsontwikkeling, door wetenschap en praktijk met elkaar te verbinden en leren over de grenzen van scholen heen te stimuleren. In deze serie gaan we in gesprek met expertisescholen en betrokken professionals over thema’s als curriculumontwikkeling, krachtig onderwijskundig leiderschap en effectieve teamsamenwerking. We verkennen wat werkt, waarom het werkt en wat andere scholen hiervan kunnen leren. Wil je laagdrempelig meedoen of meer informatie over de expertisescholen? Check dan hier de link!

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Tijdstempels

00:00 Gelijke kansen
03:19 Diverse school
04:24 Geletterde basis
06:36 Sterke instructie
07:09 Directe feedback
08:52 Kwaliteit borgen
10:15 Samen verbeteren
14:09 Elke letter
15:10 Doorgaande lijn
18:30 Gezamenlijke doelen
21:07 Bewuste keuzes
23:08 Vaste routines
26:32 Onderbouwd handelen
27:59 Toetsen benutten
28:55 Onderwijskundig leiderschap

Bronnen

José Schraven – Zo leer je kinderen lezen en spellen: Handboek voor groep 2 t/m 8. Dit is de methodiek waar in het gesprek expliciet naar wordt verwezen. De aanpak richt zich op gestructureerde, leerkrachtgestuurde instructie voor technisch lezen en spellen en op een doorgaande lijn door de school.
Uitgeverij Pica – Zo leer je kinderen lezen en spellen

Bea Ros, Amos van Gelderen, Kees de Glopper & Roel van Steensel – Leer ze lezen: Praktische inzichten uit onderzoek voor leraren basisonderwijs (2021). Het boek bundelt inzichten uit 23 internationale kernpublicaties over goed leesonderwijs, van ontluikende geletterdheid tot technisch lezen en tekstbegrip.
Rijksuniversiteit Groningen – Leer ze lezen

Ontwikkelkracht – Elke letter telt: Kansengelijkheid in lezen en spellen. Het leertraject van Kindcentrum Caeciliaschool in Amersfoort richt zich op een consistente doorgaande lijn van groep 1 tot en met 8, gezamenlijke afspraken, leerkrachtgestuurde instructie en een cultuur van gezamenlijk verbeteren.
Ontwikkelkracht – Elke letter telt

Hoe helpt duidelijke taal en concrete curriculumdoelen het onderwijs verder?

Woorden als betekenisvol, samenhang en vakoverstijgende domeinen klinken aantrekkelijk, maar wat gebeurt er als zulke begrippen het curriculum gaan dragen zonder precies te maken wat leerlingen daadwerkelijk moeten kennen en kunnen? Volgens docent Nederlands David Roelofs is dat geen semantische kwestie, maar een probleem dat rechtstreeks raakt aan kansenongelijkheid, vakmanschap en de kwaliteit van onderwijs.

Een helder curriculum hoeft de leraar volgens hem niet te beperken. Integendeel: duidelijke inhoud kan juist het fundament vormen waarop professioneel handelen mogelijk wordt. Zoals een vakman materiaal nodig heeft om zijn ambacht uit te oefenen, heeft een leraar kennisdoelen nodig om goede lessen te kunnen ontwerpen.

Het gesprek gaat daarmee ook over een bredere pedagogische vraag. Wanneer helpen vrijheid, keuze en openheid leerlingen verder, en wanneer hebben zij juist structuur, kennis en duidelijke grenzen nodig? Roelofs verbindt die discussie aan de herijking van de Vlaamse minimumdoelen. Gericht op vakinhoudelijk onderwijs, hoge verwachtingen en het belang van historische en culturele kennis. Wat kan Nederland hiervan leren? En welke gevolgen hebben de keuzes die landelijk gemaakt worden op leerlingen uit kwetsbare milieus?

Ook gezag komt aan bod: veiligheid ontstaat volgens hem niet alleen doordat leerlingen zich gehoord voelen, maar juist ook door voorspelbaarheid, heldere normen en consequent handelen. Ook hier loopt Nederland nogal achter te feiten aan aldus Roelofs. De bredere vraag is daarmee hoe onderwijs vrijheid kan combineren met een stevige basis op het gebied van kennis, structuur, gedrag op school en hoge verwachtingen.

Kernpunten uit het gesprek:

🎯 Duidelijke curriculumdoelen ondersteunen vakmanschap. Als doelen te abstract zijn geformuleerd, moeten leraren zelf eerst bepalen wat er precies geleerd moet worden voordat zij aan goed onderwijs kunnen beginnen.

🧱 Basiskennis gaat vooraf aan complexe samenhang. Vakoverstijgend en kritisch denken worden volgens Roelofs pas werkelijk mogelijk wanneer leerlingen eerst voldoende kennis binnen afzonderlijke vakgebieden hebben opgebouwd.

⚖️ Hoge verwachtingen zijn ook een kwestie van kansengelijkheid. Vage doelen kunnen lage verwachtingen legitimeren, juist voor leerlingen die vanuit huis met minder taal- of voorkennis beginnen.

🧭 Veiligheid vraagt om voorspelbaarheid. Heldere regels, routines en consequenties beschermen leerlingen tegen willekeur en voorkomen dat informele groepsmacht bepaalt wat de norm wordt.

📚 Niet alles hoeft direct betekenisvol te voelen. Leerlingen hoeven tijdens het leren nog niet altijd te begrijpen waarom bepaalde kennis, literatuur of geschiedenis waardevol is; dat inzicht kan later ontstaan.

Quotes uit het gesprek:

“Veiligheid is voorspelbaarheid.”

“Je hoeft op het moment van leren niet te begrijpen waarom het waardevol is.”

“Die minimumdoelen betekenen iets voor de leerling: dit moet je kennen en kunnen.”

Tijdstempels

00:00 – Duidelijke taal
03:20 – Leraars vakmanschap
07:34 – Vlaamse minimumdoelen
10:02 – Vakgerichte kennis
12:01 – Complexe werkelijkheid
14:50 – Postmoderne vloek
16:49 – Spellings attitude
18:12 – Historische kennis
21:07 – Vage taal
22:32 – Pedagogisch gezag
28:40 – Hoge verwachtingen
33:27 – Concrete doelen
34:55 – Waardevol leren
37:21 – Curriculum bouwen
38:43 – Gezamenlijke opdracht

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Bronnen en verdieping

Wouter Smets – Voorbij de kennisarmoede?
Over het belang van een stevige kennisbasis en de keuzes achter duidelijke minimumdoelen in het onderwijs.

Zwarte zwanen – Iliass El Hadioui
Over scholen die met hoge verwachtingen en doelgericht onderwijs kansenongelijkheid proberen te verkleinen.

Francis Fukuyama – The End of History and the Last Man
Relevant bij de discussie over historische kennis, postmodern denken en de vraag waarom kennis van het verleden nodig blijft.

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. Hét vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar én extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Wat is een veilige klas eigenlijk?

Een veilige klas is niet automatisch een stille klas. Rust kan een teken van veiligheid zijn, maar achter stilte kan ook stress, terugtrekgedrag of onzekerheid schuilgaan. Veiligheid gaat daarom minder over orde alleen en meer over de vraag of leerlingen zich gezien, gewaardeerd en voldoende ontspannen voelen om te kunnen leren. Hierover spreek ik met Pascal Tijdink en Els van der Wel. In deze nieuwe aflevering leggen we uit waarom de leerkracht een centrale rol heeft in het realiseren van veiligheid in het klaslokaal. Relatie, voorspelbaarheid en professionele zelfreflectie komen vaak terug als kernthema’s. Een leerling die veel stress ervaart, kan moeite ervaren met concentreren, emotieregulatie en volgehouden aandacht. Gedrag dat op het eerste gezicht lastig, ongemotiveerd of storend lijkt, kan daarmee ook een signaal zijn dat een leerling zichzelf op dat moment onvoldoende kan reguleren. Tegelijkertijd vraagt veiligheid niet om een klas waarin iedere hobbel wordt weggenomen. Leerlingen moeten juist ruimte krijgen om fouten te maken, grenzen te verkennen en moeilijke dingen te oefenen. Dat vraagt om duidelijke kaders én flexibiliteit. De veilige klas is daarmee geen eindpunt dat na de gouden weken bereikt is, maar iets waaraan leerlingen en leerkrachten gedurende het hele schooljaar samen blijven werken.

Kernpunten uit het gesprek

🧠 Veiligheid is een voorwaarde voor leren, omdat sterke stress het moeilijker maakt om functies als concentratie, aandacht en emotieregulatie te gebruiken.

🤝 De relatie tussen leerkracht en leerling vormt een belangrijke basis. Vooral leerlingen die veel stress ervaren hebben verbinding met een volwassene nodig om zichzelf beter te kunnen reguleren.

🔍 Gedrag vraagt om interpretatie. Vechten, vluchten en bevriezen kunnen verschillende uitingen van stress zijn, waarbij vooral teruggetrokken gedrag gemakkelijk over het hoofd wordt gezien.

🪞 Een veilige klas vraagt ook zelfkennis van de leerkracht. Weten welk gedrag je triggert en herkennen wanneer je zelf uit balans raakt, helpt om bewuster en minder reactief te handelen.

🌱 Veiligheid betekent niet dat fouten, spanning en moeilijke opdrachten verdwijnen. Juist binnen een betrouwbare omgeving kunnen leerlingen uitdagingen aangaan, feedback ontvangen en ervaren dat ontwikkeling mogelijk is.

Quotes uit het gesprek:

“Een rustige klas hoeft geen veilige klas te zijn.”

“Die kinderen zijn niet lastig, maar die hebben het lastig.”

“Wat mij betreft mag het een heel gouden schooljaar worden.”

Deze podcast maak ik samen met JSW, hèt vakblad voor het basisonderwijs. JSW is al jaren het naslagwerk voor leerkrachten en onderwijsprofessionals in het primair onderwijs. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar ben jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar ICT & Media, basisvaardigheden, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? Kijk op JSW!

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Tijdstempels

00:00 – Veilige klas
02:14 – Stress verminderen
05:22 – Relatie bouwen
07:50 – Rust misleidt
09:42 – Stressreacties herkennen
11:56 – Identiteit erkennen
13:38 – Zelfreflectie oefenen
16:27 – Complimenten geven
18:53 – Samen reguleren
21:50 – Gouden schooljaar
23:55 – Voorspelbaarheid bieden
29:52 – Samen oplossingen
33:20 – Veilig presteren
37:29 – Emoties herkennen
40:21 – Gezien worden

Bronnen & verdieping

Carol Dweck – onderzoek naar mindset en feedback
In het gesprek verwijst Els expliciet naar het onderzoek van Carol Dweck over fixed en growth mindset. Onderzoek rond Dweck laat onder meer zien dat procesgerichte feedback — bijvoorbeeld gericht op inspanning en strategie — samenhangt met sterkere overtuigingen dat vaardigheden ontwikkeld kunnen worden en met meer bereidheid om uitdagingen aan te gaan.

Adverse Childhood Experiences ACEs – CDC
Pascal verwijst naar ingrijpende ervaringen in de jeugd en de mogelijke gevolgen daarvan. Het klassieke ACE-onderzoek laat een dosis-responsrelatie zien: naarmate mensen meer typen belastende jeugdervaringen rapporteren, nemen verschillende risico’s voor gezondheid en welzijn toe. De precieze aantallen die Pascal in het gesprek voor een ‘gemiddelde klas’ noemt, kan ik op basis van deze bron niet één-op-één bevestigen.

Op den Kelder et al. – Executive functions in trauma-exposed youth
Een meta-analyse van 55 studies met ruim 8.000 jongeren vond dat blootstelling aan trauma samenhing met gemiddeld lagere scores op werkgeheugen, inhibitie en cognitieve flexibiliteit. Dat sluit aan bij de bespreking van stress en executieve functies in het gesprek.

Traumasensitief onderwijs
Recent Nederlands onderzoek naar een schoolbrede trauma-informed aanpak vond na het eerste implementatiejaar bescheiden positieve veranderingen, onder meer in de ervaren sfeer in de klas en veerkracht. Dat ondersteunt de relevantie van deze benadering, maar rechtvaardigt geen claim dat traumasensitief onderwijs op zichzelf alle genoemde problemen oplost.

Psychologische flexibiliteit in het onderwijs – Maaike Steeman en Femke Klomp
Dit boek wordt door Pascal zelf als verdiepende bron genoemd. Het wordt daar gekoppeld aan zelfkennis, psychologische flexibiliteit en de rol van de onderwijsprofessional.

Handmodel van Daniel Siegel
Ook het handmodel van Siegel wordt expliciet in het gesprek genoemd als praktisch hulpmiddel om met leerlingen over emoties, regulatie en het ‘denkbrein’ te spreken.

Waar zit de bron van de rekenramp in NL (en wat kunnen we eraan doen)?

Goed leren rekenen draait niet alleen om het vinden van het juiste antwoord. Het vraagt om een stevige basis van kennis en procedures waarop later complexere wiskunde kan worden gebouwd. Volgens wiskundeleraar en auteur Liesbeth van der Plas is juist die basis in het Nederlandse rekenonderwijs te kwetsbaar geworden.

Van der Plas ziet leerlingen in het voortgezet onderwijs binnenkomen die onvoldoende met breuken kunnen rekenen, terwijl die kennis noodzakelijk is voor algebra, natuurkunde en andere bètavakken. Een belangrijke oorzaak ziet ze in een curriculum waarin leerlingen veel verschillende strategieën en contextopgaven aangeboden krijgen, maar fundamentele rekenbewerkingen onvoldoende automatiseren en beheersen. Deze problematiek werkt volgens haar door tot in de lerarenopleiding. Pabo-studenten kunnen een rekentoets halen zonder noodzakelijkerwijs boven de rekenstof te staan die ze later zelf moeten onderwijzen. Daarmee ontstaat een vicieuze cirkel.

De oplossing zoekt Van der Plas niet in méér doelen of complexere methodes, maar juist in vereenvoudiging: een beperkt aantal fundamentele rekenprocedures expliciet aanleren, veel oefenen en pas daarna ruimte maken voor toepassing, flexibiliteit en creativiteit. Aan de hand van specifieke voorbeeldopgaven bespreken we hoe dit eruit kan zien in de dagelijkse praktijk.

Kernpunten uit het gesprek:

🧱 Een stevige beheersing van optellen, aftrekken, vermenigvuldigen, delen en breuken vormt volgens Van der Plas het fundament waarop later algebra, wiskunde en andere bètavakken worden gebouwd.

🔄 Het aanbieden van meerdere oplossingsstrategieën kan volgens haar juist extra cognitieve belasting veroorzaken. Vooral leerlingen die moeite hebben met rekenen kunnen afhaken wanneer ze telkens opnieuw een andere werkwijze moeten leren.

🎓 De problemen werken volgens Van der Plas door tot de pabo: toekomstige leraren kunnen formeel een rekentoets halen, terwijl ze bepaalde basisbewerkingen nog onvoldoende beheersen of uitleggen.

🧠 Motivatie ontstaat niet alleen door rekenen aantrekkelijk of herkenbaar te maken. Succeservaringen en beheersing kunnen er juist voor zorgen dat leerlingen plezier krijgen in het vak en de onderliggende structuur gaan zien.

🔍 Goed rekenonderwijs vraagt volgens het gesprek ook om vakmanschap van leraren: zelf boven de stof staan, kritisch naar methodes kijken en bewust bepalen welke oefeningen werkelijk bijdragen aan het beoogde leerdoel.

Quotes uit het gesprek:

“Creativiteit, motivatie en verschillende oplossingen zoeken als leerling zijn allemaal belangrijk. Maar dat komt pas daarna. Je moet eerst kunnen optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen.”

“De essentie van rekenen is voor mij dat je het kunt opschrijven. Dat je de berekening laat zien en laat zien: ik snap hoe dit in elkaar zit.”

“Als je dit als kind niet meekrijgt, omdat je zoveel strategieën krijgt en het hele rekenbouwwerk niet overziet als je de basisschool verlaat, dan zie je niet hoe mooi wiskunde in elkaar zit.”

Tijdstempels

00:00 – Rekenproblemen Nederland
01:16 – Ontbrekende voorkennis
03:08 – Breuken beheersen
05:31 – Rekenmethode ontwikkelen
07:12 – Bètakeuze motivatie
09:11 – Vicieuze cirkel
11:06 – Rekentoets tekort
13:32 – Realistische context
15:16 – Cognitieve belasting
16:20 – Meerdere strategieën
18:51 – Basisbewerkingen beheersen
22:20 – Breuken rekenen
25:29 – Maatschappelijke gevolgen
29:10 – Pabo verantwoordelijkheid
36:12 – Schoolteams verbeteren

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Bronnen en verdieping

Rekenen voor de Pabo – Liesbeth van der Plas
Boek met uitleg, oefeningen en uitgewerkte antwoorden voor pabo-studenten.

Foutloos leren rekenen in groep 7 en 8 – Liesbeth van der Plas
Materiaal gericht op het systematisch beheersen van rekenvaardigheden in de bovenbouw van het basisonderwijs.

De gelukkige rekenklas aan het werk
Bundel waarin Van der Plas een hoofdstuk schreef over de staat van ons rekenonderwijs.

Sommenfabriek.nl
Website met uitleg, oefeningen en instructiemateriaal waar Van der Plas in het gesprek naar verwijst.

Rekenen voor het voortgezet onderwijs met een uitwerking van de rekendoelen en uitwerkingen op de middelbare school

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. Hét vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar én extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Hoe zorg je ervoor dat zij-instromers lekker landen in de dagelijkse praktijk?

De overstap naar het onderwijs begint vaak met enthousiasme, vakkennis en de wens om maatschappelijk iets te betekenen. Maar eenmaal voor de klas blijkt hoe groot het verschil is tussen geïnteresseerd zijn in onderwijs en dagelijks verantwoordelijkheid dragen voor het leren van een groep kinderen. Juist daarom is de manier waarop zij-instromers worden ontvangen en begeleid zo bepalend.

Merel Kooij en Bram Kroezen maakten allebei vanuit een andere academische achtergrond de overstap naar het basisonderwijs. Hun ervaringen laten zien hoeveel kennis en levenservaring zij-instromers kunnen meenemen, maar ook hoeveel er in de praktijk nog geleerd moet worden: van klassenmanagement en instructie tot het zorgvuldig voorbereiden van een les.

Samen met HR-adviseur van PCBO Malou Könemann bespreken zij wat helpt om die ontwikkeling mogelijk te maken. Niet direct in het diepe springen, maar eerst kunnen meekijken en meedoen. Collega’s observeren, concrete feedback krijgen en onderdeel zijn van een team. Daarbij blijkt leren op de werkplek minstens zo belangrijk als formele scholing. Een zij-instromer heeft ruimte nodig om fouten te maken, maar ook collega’s die helder durven benoemen wat beter moet.

De centrale vraag is daarmee niet alleen hoe mensen het onderwijs binnenkomen, maar vooral hoe scholen ervoor zorgen dat zij zich duurzaam tot goede leraren kunnen ontwikkelen.

Kernpunten uit het gesprek:

🌱 Een geleidelijke start helpt. Eerst meelopen of werken als onderwijsassistent geeft zij-instromers de gelegenheid om te ervaren wat het dagelijkse werk werkelijk vraagt voordat zij volledig verantwoordelijk worden voor een klas.

🔍 Leren gebeurt sterk in de praktijk. Observeren hoe ervaren collega’s lesgeven, gedrag begeleiden en lessen voorbereiden levert concrete voorbeelden op die direct toepasbaar zijn.

🧭 Begeleiding moet duidelijk én veilig zijn. Goede collega’s zeggen niet alleen dat iets vanzelf goedkomt, maar helpen analyseren waarom een les niet werkte en welke concrete stap daarna nodig is.

🧠 Eerdere expertise kan het onderwijs verrijken. Wetenschappelijke, maatschappelijke of vakinhoudelijke kennis uit eerdere loopbanen kan nieuwe perspectieven toevoegen, mits zij-instromers tegelijkertijd het leraarsvak serieus leren beheersen.

🤝 Behoud vraagt meer dan een contract. Professionalisering, passende begeleiding, goede leiding en ruimte om te blijven leren zijn belangrijk om zij-instromers duurzaam aan het onderwijs te verbinden.

Quotes uit het gesprek:

“Als je een les geeft en alle vingers gaan omhoog, dan doe je het goed. Want ze willen graag vragen stellen.”

“Je bent geen stagiair als zijstromer. Je staat hier voor de klas, je hebt die verantwoordelijkheid.”

“Onderwijs geven is een leven beroeren.”

Tijdstempels

00:00 – Zij instroom centraal
02:13 – Eerste vragen
03:23 – Nieuwe loopbaan
05:28 – Kleuters ontdekken
07:30 – Rustig starten
10:05 – Goede selectie
13:15 – Nieuwsgierige kinderen
15:42 – Zichtbare ontwikkeling
17:12 – Professionele kwaliteit
19:26 – Goede begeleiding
20:56 – Collega observeren
23:25 – Duurzaam behouden
27:34 – Wetenschappelijk kijken
30:20 – Geleidelijk instromen
33:21 – Concrete feedback

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Goed onderwijs met minder leerkrachten, (hoe) kan dat?

Het lerarentekort in Nederland zal in de toekomst oplopen. Zodra scholen structureel met minder bevoegde leerkrachten moeten werken, komen fundamentele keuzes naar voren: welke kennis en vaardigheden zijn onmisbaar, welke taken kunnen door andere professionals worden uitgevoerd en hoe bewaak je pedagogische en didactische samenhang? Anders organiseren is daarmee geen noodoplossing voor een roosterprobleem, maar een onderwijskundige (complexe) opgave waar sommige scholen niet omheen kunnen. Dit vraagt van scholen dat zij opnieuw kijken naar hun visie op goed onderwijs, naar wat hun leerlingen nodig hebben en naar de manier waarop verschillende professionals daar gezamenlijk verantwoordelijkheid voor kunnen dragen.

Te gast om hierover te spreken is Karlijn de Jong, verbonden aan de Hogeschool Leiden. Ze onderzocht dit vraagstuk samen met zes scholen die al langere tijd met personeelstekorten te maken hebben. Haar belangrijkste inzicht is dat anders organiseren niet begint bij het rooster, maar bij de visie op goed onderwijs. Scholen moeten eerst bepalen wie hun leerlingen zijn, welke pedagogische en didactische kwaliteit zij willen bieden en welke kennis en vaardigheden daarvoor nodig zijn.

Dat vraagt ook om een andere blik op professionals. Niet alleen een bevoegdheid telt, maar ook wat iemand aantoonbaar kan, waarin begeleiding nodig is en welke taken juist bij bevoegde leraren moeten blijven. Tegelijkertijd blijkt samenwerking alleen goed te werken wanneer scholen duidelijke pedagogische en didactische afspraken maken. Anders organiseren is daarmee geen kant-en-klaar model. Het vraagt om een lerend team dat keuzes onderzoekt, effecten volgt en steeds opnieuw bijstuurt.

Kernpunten uit de podcast:

🧭 Begin bij de visie. Anders organiseren begint niet met een roosterprobleem, maar met de vraag wat goed onderwijs voor deze specifieke leerlingen betekent.

🔬 Verbind praktijk en onderzoek. De scholen onderzochten wat in hun eigen praktijk werkte en verbonden die ervaringen aan theoretische en wetenschappelijke kennis.

🤝 Kijk breder naar bekwaamheid. Een bevoegdheid geeft belangrijke informatie, maar scholen kunnen ook onderzoeken welke taken andere professionals verantwoord kunnen uitvoeren en waar hun grenzen liggen.

🧩 Bewaak pedagogische samenhang. Wanneer meerdere professionals met dezelfde groep werken, worden gezamenlijke routines, taal en didactische afspraken belangrijker voor rust en voorspelbaarheid.

🌱 Organiseer een lerend systeem. Visie, gezamenlijk leren, steun vanuit school en bestuur en goede borging zijn voorwaarden om onderwijs duurzaam anders te organiseren.

Quotes uit het gesprek

“Goed onderwijs vraagt echt om even stilstaan en nadenken. Dus waarvoor is deze school er eigenlijk? Wie zijn onze kinderen? Wat is op deze school goed onderwijs?”vak rekenen.”

“Samenwerking is veel meer dan elkaar een factuur sturen.”

“Anders organiseren gaat dus niet over: doe dit of dat, maar organiseer de bekwaamheid om met elkaar systematisch na te denken over je inzet.”

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. Hét vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar én extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Bronnen en linkjes

Goed onderwijs met minder leerkrachten – Hogeschool Leiden
Het centrale onderzoeksproject van Karlijn de Jong, uitgevoerd met zes basisscholen uit Onderwijsregio Haaglanden. Hier staan ook het onderzoeksverslag en de belangrijkste opbrengsten.

Goed onderwijs met minder leerkrachten: de opbrengsten
Overzicht met de onderzoeksresultaten, praktijkervaringen en de podcastserie waarin onder meer de vier succesfactoren verder worden uitgewerkt.
Bekijk de opbrengsten

Achtergrond bij het onderzoek – Hogeschool Leiden
Artikel over de zes deelnemende scholen en de manier waarop zij kijken naar competenties, rollen en het organiseren van onderwijs met minder bevoegde leerkrachten.
Lees het achtergrondartikel

Maatregelen voor anders organiseren van primair onderwijs – Hogeschool Utrecht
Onderzoek uit 2025 naar experimenten van Utrechtse basisscholen met anders organiseren, inclusief keuzes, veranderprocessen en ervaren gevolgen voor leerlingen en personeel. Dit sluit direct aan bij het onderzoek dat in het gesprek wordt genoemd.

Anders organiseren in het voortgezet onderwijs – Voion
Inventarisatie van verschillende vormen van anders organiseren in het VO en de gevolgen daarvan voor onderwijsprofessionals.

Aanpak lerarentekort – Rijksoverheid
Achtergrondinformatie over het lerarentekort, regionale samenwerking en de wettelijke ruimte om onderwijs onder voorwaarden anders te organiseren, onder meer met andere professionals.

Wat voor maatregelen nemen scholen om hun onderwijs anders te organiseren en hoe pakken zij dit aan? – Tjipcast
Een direct inhoudelijk verwante aflevering over de keuzes die scholen maken bij anders organiseren, welke maatregelen zij nemen en hoe zulke veranderingen in de praktijk worden vormgegeven.

Hoe krijgen we het fundament van het onderwijs op orde? – Tjipcast
Een inhoudelijk aansluitend gesprek over de basisvoorwaarden voor goed onderwijs, waaronder onderwijskwaliteit, professionaliteit en de manier waarop scholen duurzame keuzes kunnen maken.

Tijdstempels

00:00 – Minder leerkrachten
02:10 – Onderwijsvisie bepalen
04:05 – Praktijkaanleiding onderzoeken
06:05 – Visie ontwikkelen
09:21 – Anders organiseren
10:11 – Succesfactoren bespreken
11:26 – Bestuurlijke ondersteuning
16:53 – Pedagogische samenhang
19:31 – Externe professionals
23:01 – Commerciële samenwerking
25:10 – Kwaliteit bewaken
28:02 – Praktijkgericht onderzoeken
32:31 – Bekwaamheid benutten
34:44 – Groepsgericht organiseren
37:02 – Visie herpakken

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. Hét vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar én extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Rekenangst in het mbo?!

Rekenen roept bij veel mbo-studenten niet alleen onzekerheid op, maar soms ook jarenoude herinneringen aan mislukking, achterstand of het gevoel er simpelweg niet goed in te zijn. Volgens rekendocent Dirk Megens is juist dat beeld hardnekkig: het idee dat rekenen iets is wat je óf kunt, óf niet kunt. Vaak wordt rekenen (beta) ook tegenover aanleg voor bijvoorbeeld taal geplaatst (alfa). Helaas moet het mbo ook kritisch in de spiegel kijken. We slagen er onvoldoende in rekenen op goed niveau aan te bieden aan studenten in het beroepsonderwijs en de minimale niveaus te halen voor het uiteindelijke beroep. Ook bestaan er veel misvattingen over rekenen in het mbo. Bijvoorbeeld in relatie tot foutloos hoofdrekenen, hulpmiddelen wel of niet in zetten en het belang van dagelijkse gecijferdheid: cijfers kunnen begrijpen en gebruiken in werk, wonen, geldzaken en andere alledaagse situaties. Al met al is rekenangst een reëel probleem bij studenten in het mbo.

Dit alles vraagt om onderwijs waarin studenten hulpmiddelen leren gebruiken, rekentaal leren begrijpen en vooral voldoende succeservaringen opdoen. Maar ook om docenten die weten waar studenten staan en hun uitleg daarop kunnen aanpassen. Effectieve didactiek is daarbij belangrijk. Een digitale methode openzetten en studenten zelfstandig laten werken is volgens Megens dan niet genoeg. Rekenangst verminderen begint bovendien bij relatie en vertrouwen. Wie weet waar een student vandaan komt, welke ervaringen iemand met rekenen heeft gehad en welke context voor hem of haar betekenisvol is, kan beter aansluiten. Zo verschuift het perspectief van ‘ik kan nou eenmaal niet rekenen‘ naar de ervaring dat vooruitgang wel degelijk mogelijk is. Hoe dat mogelijk is bespreken we ook in deze aflevering aan de hand van diverse praktijkvoorbeelden.

Kernpunten uit de podcast:

🧮 Rekenen gaat in het mbo vooral over dagelijkse gecijferdheid. Studenten moeten cijfers kunnen interpreteren en gebruiken in concrete situaties, niet uitsluitend bewerkingen uit het hoofd beheersen.

🧠 Rekenangst wordt mede gevoed door eerdere ervaringen en overtuigingen. Studenten kunnen jarenlang meenemen dat zij slecht zijn in rekenen, waardoor nieuwe rekenlessen oude weerstand opnieuw oproepen.

🛠️ Hulpmiddelen kunnen juist zelfvertrouwen geven. Een rekenmachine, rekenkaart of woordenboek verlaagt niet simpelweg de eisen, maar helpt studenten om realistische rekenproblemen beter aan te pakken.

🤝 Relatie is volgens Megens een belangrijke didactische voorwaarde. Een docent die de student, diens rekenverleden en belevingswereld kent, kan beter aansluiten en vertrouwen opbouwen.

🎓 Goed rekenonderwijs vraagt om gespecialiseerde didactische kennis. Grote niveauverschillen, rekentaal en verschillende oplossingsstrategieën maken rekenen tot meer dan een vak dat een docent er zonder voorbereiding bij kan doen.

Quotes uit het gesprek

“De relatie is natuurlijk het allerbelangrijkste bij het vak rekenen.”

“OBK zeg ik altijd: oefening baart kunst.”

“Goed rekenonderwijs begint bij goed geschoolde rekendocenten die verstand hebben van verschillende vormen van differentiatie en van rekendidactiek.”

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. Hét vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar én extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Bronnen en linkjes

Leidraad Werken aan rekenen en gecijferdheid in het mbo
Een recente, onderzoeksmatig onderbouwde leidraad voor docenten en mbo-instellingen over effectief reken- en gecijferdheidsonderwijs. Sluit sterk aan bij thema’s uit het gesprek zoals differentiatie, betekenisvolle contexten en docentkwaliteit.

Taal en Rekenen MBO – nieuwe rekeneisen
Over de sinds schooljaar 2022–2023 ingevoerde rekeneisen voor mbo-niveau 2, 3 en 4. Dit sluit direct aan bij Megens’ uitleg over de nieuwe benadering van rekenen en gecijferdheid.

Coöperatie Examens MBO – rekenexamens
Informatie over de huidige rekenexamens in het mbo en de examinering voor niveau 2, 3 en 4.

Rekenkaarten voor het mbo
Dirk Megens verwijst uitgebreid naar de rekenkaart als hulpmiddel. Op zijn eigen website is een actuele versie van de rekenkaart beschikbaar, met onder meer het metriek stelsel, verhoudingen, procenten en rekenbegrippen.

Gecijferdheid en het werk van Kees Hoogland
Hoogland wordt expliciet genoemd in het gesprek als belangrijke pleitbezorger van numeracy of gecijferdheid: niet alleen sommen uitvoeren, maar kwantitatieve informatie in het dagelijks leven kunnen interpreteren en gebruiken. De website Gecijferdheid Telt Mee biedt hier verdere verdieping bij.

Onderwijskennis – Versterken van rekenen en gecijferdheid bij mbo-studenten
Een kennisartikel dat specifiek ingaat op het versterken van rekenen en gecijferdheid bij mbo-studenten en aansluit op de nieuwe rekeneisen.

Practoraat gecijferdheid – In het practoraat Gecijferdheid in het mbo doen rekendocenten vanuit verschillende mbo-instellingen onderzoek met als doel gecijferd gedrag van alle mbo-studenten te versterken.

Tijdstempels

00:00 – Rekenangst bespreken
02:09 – Dagelijkse gecijferdheid
04:09 – Diverse studenten
06:35 – Gelijke eisen
07:09 – Rekenkrasjes herkennen
10:48 – Angst overwinnen
12:16 – Hulpmiddelen benutten
15:58 – Succeservaringen creëren
16:34 – Niveauverschillen begeleiden
18:36 – Rekentaal begrijpen
20:55 – Aanwezigheid helpt
22:00 – Relatie opbouwen
23:21 – Rekendidactiek versterken
29:55 – Basis herstellen
31:38 – Rekenvertrouwen groeien

Wat is (straks) het ambacht van de veranderkundige?

Veranderen in organisaties klinkt vaak als iets dat je kunt plannen, sturen en strak uitrolt. Maar volgens Jaap Boonstra raakt juist die technische benadering aan haar grens. Zeker in onderwijs, zorg, duurzaamheid en maatschappelijke polarisatie spelen vraagstukken die niet in één organisatie, discipline of stappenplan passen. Toch is het denken over veranderen sterk gevormd door deze ‘enge’ technische benadering van veranderen (en leren). Veranderkunde draait feitelijk om iets anders: goed kunnen waarnemen, context begrijpen, spanning verdragen en mensen helpen om over grenzen heen betekenis te geven aan wat er speelt. Deze discipline is dus veel rommeliger dan we willen aannemen. Maar is er nog wel ruimte voor deze manier van kijken naar veranderen in organisaties?

In het gesprek verkent Boonstra hoe het vak veranderkunde zich heeft ontwikkeld: van aandacht voor arbeid en democratisering naar managementdenken, en nu opnieuw naar samenspel rond complexe maatschappelijke vraagstukken. Hij maakt scherp onderscheid tussen verandermanagement als technische aanpak en veranderkunde als praktijk van kijken, verbinden en handelen in onzekerheid. Daarbij komt ook de rol van hogescholen, praktijkonderzoek en lectoraten aan bod, waar volgens hem veel van de toekomst van het vak zichtbaar wordt. Een belangrijk inzicht is dat de veranderkundige van morgen veel meer is dan een plannenmaker, maar iemand die kan omgaan met paradoxen, conflicten, maatschappelijke spanningen en meerdere perspectieven tegelijk.

Dit is de laatste podcast van het schooljaar 2025-2026! Vanaf volgende week neem ik een aantal weken vrij. Wel ben ik in de weer met de voorbereiding en planning voor het najaar. Half augustus start de serie weer op. Met een paar mooie nieuwe afleveringen over bijvoorbeeld anders organiseren in het PO, over de gelukkige rekenklas en high performing schools. Fijne zomervakantie!

Kernpunten uit de podcast:

🔍 Veranderen begint volgens Jaap Boonstra met zorgvuldig waarnemen en contextualiseren. Pas als je begrijpt wat er in de klas, school, buurt of organisatie speelt, kun je verstandig handelen.

🧩 Veranderkunde is iets anders dan verandermanagement. Waar verandermanagement vaak technisch en planmatig wordt, draait veranderkunde om mensen, betekenisgeving, spanning en dynamiek.

🌱 De toekomst van het vak ligt volgens Boonstra bij maatschappelijke vraagstukken zoals duurzaamheid, zorg, veiligheid, polarisatie en onderwijs. Zonder verbinding met die vragen wordt veranderkunde volgens hem overbodig.

⚖️ Een veranderkundige moet leren denken in paradoxen in plaats van simpele dilemma’s. Het gaat niet om kiezen tussen individu of groep, economie of onderwijs, maar om het uithouden en verbinden van beide kanten.

🎨 Kunst kan helpen om anders naar verandering te kijken. Beeld, muziek, dans of theater openen soms perspectieven die met rationele analyse alleen niet zichtbaar worden.

Quotes uit het gesprek

“Voor mij begint veranderen altijd eerst met heel goed kijken, waarnemen, dynamiek begrijpen en daardoor denken: wat is nu verstandig om te doen?”

“Als we ons vanuit de veranderkunde niet verbinden met maatschappelijke vraagstukken, is onze rol gewoon uitgespeeld. En terecht.”

“Laten we ophouden met het denken in dilemma’s. Laten we veel meer gaan denken in paradoxen.”

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. Hét vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar én extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Meer lezen of bekijken op basis van deze podacst?

Jaap Boonstra – Veranderen als samenspel
Jaap Boonstra – Leiders in cultuurverandering
Jaap Boonstra en Mayo Dubbeldam (red.) – Veranderen voor de toekomst

Ik sprak Jaap eerder in een aflevering over spelend leren en veranderen en over samenwerken over de grenzen van organisaties heen.

Tijdstempels

00:00 – Start gesprek
01:18 – Schrijven reflectie
03:00 – Vak verandering
04:17 – Leerling doener
06:29 – Meervoudig kijken
08:03 – Context begrijpen
10:33 – Universitaire verschuiving
13:40 – Hogescholen hoop
18:40 – Historische ontwikkeling
23:11 – Verschil verdragen
27:31 – Paradoxaal denken
31:16 – Maatschappelijke opgaven
32:56 – Oprechte professional
37:01 – Kunst veranderen
41:51 – Leiderschap inhoud

Wat kan het onderwijs van topsport leren?

Presteren in het onderwijs roept snel spanning op. Want leren gaat niet alleen over opbrengsten, toetsen en doelen, maar ook over veiligheid, vertrouwen, motivatie en de ruimte om fouten te maken. Toch laat de topsport een interessante vraag achter: hoe bouw je aan een cultuur waarin mensen samen beter willen worden, zonder dat het werk kil, hard of opgejaagd wordt? Ik praat hierover met Anouk Kleinpaste en Pjotr van der Marel, allebei schoolleider. Anouk geeft leiding aan de dappere school Campherbeek in Zwolle. Pjotr is verbonden aan de Sint Bonifatiusschool in Wassenaar.

In dit gesprek wordt duidelijk dat de vergelijking met topsport niet vooral gaat over harder duwen of meer meten. De kern zit eerder in samenwerking, volhouden, professionele routines en leiderschap dat dichtbij mensen blijft. Data kan helpen om blinde vlekken zichtbaar te maken, maar alleen als er voldoende vertrouwen is om er samen naar te kijken. Anders wordt meten al snel een oordeel.

De schoolleiders laten zien dat onderwijskwaliteit niet losstaat van werkplezier. Een team dat zich gezien voelt, durft makkelijker te leren, te botsen en verantwoordelijkheid te nemen. Tegelijk vraagt verandering om geduld: een school ontwikkel je niet in een sprint, maar stap voor stap, met oog voor het tempo van het hele team.

Een aantal highlights die in deze podcast voorbijkomen:

🏃 Topsport gaat niet alleen over prestatiedruk, maar vooral over de wil om samen beter te worden. In het onderwijs betekent dat: blijven oefenen, reflecteren en verantwoordelijkheid nemen voor kwaliteit.

🤝 Vertrouwen blijkt een voorwaarde voor professionele ontwikkeling. Pas als mensen zich gezien en veilig voelen, kunnen data, feedback en opbrengsten onderwerp van gesprek worden zonder dat het als aanval voelt.

📊 Data helpt om blinde vlekken zichtbaar te maken. Niet als afrekencultuur, maar als gezamenlijke taal om te onderzoeken waar een team, school of leerlingpopulatie iets te ontwikkelen heeft.

🐢 Onderwijsverandering vraagt tempo-bewust leiderschap. Een schoolleider kan een duidelijke ambitie hebben, maar moet ook kunnen vertragen om het hele team aangehaakt te houden.

🎽 De school is geen verzameling losse lokalen. De kracht zit in collectief eigenaarschap: samen werken aan onderwijs dat je beter achterlaat dan je het aantrof.

Deze aflevering maak ik samen met Klassewerkplek. Dit jaar brengen we samen scholen in kaart die erin slagen werk te maken van werkgeluk in het onderwijs en het predicaat Klassewerkplek dragen. We leggen de relatie met kwaliteit, samenwerken en hoge verwachtingen naar leerlingen! Kijk voor meer informatie op www.klassewerkplek.nl.

Quotes uit de podcast:

“Je kan zo snel als je langzaamste speler. Je moet het samen doen, hè. Het is wel echt een teamsport.”

“Ik speel niet directeurtje. Ik ben ook echt als het moet sta ik overal achter en kan ik ook de harde besluiten nemen.”

“Ik heb met al mijn collega’s startgesprekken waarbij ik een uur ga wandelen en het gewoon heb over het leven.”

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Tijdstempels:

00:0 – Werkgeluk Scholen
01:10 – Data Werkplezier
03:06 – Gelukkige Teams
05:56 – Topsport Onderwijs
08:06 – Data Presteren
09:07 – Samen Doorzetten
11:25 – Tempo Leiderschap
13:01 – Cultuur Meten
15:21 – Groeitaal Mindset
17:04 – Mensen Zien
19:03 – Duurzaam Presteren
24:14 – Onzichtbare Routines
26:24 – Kwaliteitskaarten Sport
31:50 – Authentiek Leiderschap
36:02 – Collectief Mandaat

Boeken en leestips:

Bas Kodden – De kunst van duurzaam presteren

James Kerr – Legacy

Eva Naaijkens en Martin Bootsma – En wat als we nou weer gewoon gingen lesgeven?