Episode Archives

Reken het rekenonderwijs niet af op percentages leerlingen die 1S behalen

Het succes van het reken-wiskundeonderwijs wordt steeds vaker afgemeten aan één percentage: hoeveel leerlingen halen aan het eind van groep 8 streefniveau 1S? Volgens de landelijke ambitie zou dat 65% moeten zijn. Maar die manier van kijken rust op stevige aannames: dat 1S een eenduidig en goed onderbouwd referentieniveau is, dat het betrouwbaar te meten is met een drempelwaarde op een vaardigheidsschaal, en dat je daaruit conclusies kunt trekken over de opbrengsten van scholen. Arthur Bakker en Marian Hickendorff laten zien dat juist die aannames problematisch zijn. Ze schreven hier een artikel over dat we bespreken in deze aflevering.

Meten we eigenlijk wel wat we denken te meten? Mijn gasten laten zien dat de specifieke inhoud van 1F en 1S niet altijd scherp is afgebakend, dat doorstroomtoetsen onderling lastig vergelijkbaar zijn en dat een landelijke ambitie ongemerkt een harde norm kan worden. Dat heeft gevolgen voor scholen, leraren en leerlingen: van strategisch toetsgedrag tot curriculumversmalling.

Tegelijk blijft de boodschap niet hangen in kritiek. Er is veel kennis over sterke leerlijnen, goede rekenopbouw en zinvolle schoolontwikkeling. De uitdaging is om toetsing, curriculum, toezicht en praktijkkennis beter op elkaar af te stemmen — eerlijker, preciezer en met meer oog voor ontwikkeling dan voor één kwetsbaar getal.

Kernpunten uit de podcast:

🔍 Het percentage leerlingen dat 1S haalt, wordt gebruikt alsof het een harde maat is voor onderwijskwaliteit, terwijl de meting volgens de gasten inhoudelijk en statistisch kwetsbaar is.

đź§© Het referentiekader was oorspronkelijk bedoeld om doorlopende leerlijnen te ondersteunen, niet om individuele scholen of leerlingen op af te rekenen.

📏 De grens tussen 1F en 1S is in de praktijk minder scherp dan vaak wordt aangenomen; concrete toetsopgaven vragen altijd interpretatie en keuzes.

⚖️ Meerdere doorstroomtoetsen maken vergelijking tussen scholen problematisch, zeker wanneer uitkomsten gevolgen hebben voor toezicht en bestuur.

🌱 Sterker rekenonderwijs vraagt niet om blindstaren op één eindpercentage, maar om rijke schooldata, goede leerlijnen, rekencoördinatie en professionele dialoog.

Quotes uit het gesprek

“Er werd voortdurend gezocht naar maatschappelijke kwesties waardoor resultaten tegenvallen. Maar de verklaring die ik meestal mis is die tweede vraag: hoe zit het met de meting?”

“Durf dat percentage 1S een beetje los te laten en kijk breder. Kijk onder de motorkap.”

“Een meting is zo sterk als de zwakste schakel. En eigenlijk is elke schakel zwak.”

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. HĂ©t vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar Ă©n extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Meer lezen op basis van deze podacst?

Rekenen kinderen echt zo slecht?

Leerresultaten einde basisonderwijs voor rekenen-wiskunde

Onderwijsraad: laat toetsen minder vaak meetellen voor rapport

Betekenisvol en doelgericht reken-wiskundeonderwijs in groep 3-8

Tijdstempels

00:03 – Gasten introductie
01:21 – Aanleiding artikel
03:05 – Referentieniveaus uitgelegd
04:36 – Breuken voorbeeld
06:10 – Historische verschuiving
07:50 – Empirische vragen
10:08 – Vroege selectie
12:30 – Rekenpeilingen besproken
14:32 – Documentanalyse beleid
18:32 – Toetsaanbieders vergelijken
21:28 – Zwakke schakels
22:47 – Onderwijskwaliteit breder
24:44 – Curriculum versmalling
29:40 – Nieuwe toetsing
34:41 – Landelijke samenwerking

Stevige start in Nederland: werken aan een sterke pedagogische basis voor nieuwkomers

Nieuwkomersonderwijs vraagt om meer dan taalonderwijs alleen. Kinderen stappen een school binnen met verschillende thuistalen, onderwijsachtergronden en ervaringen, soms na een lange periode van onzekerheid of onveiligheid. Juist dan wordt de pedagogische basis doorslaggevend: rust, voorspelbaarheid, veiligheid en hoge verwachtingen vormen geen zachte randvoorwaarden, maar het fundament waarop leren mogelijk wordt.

Bij Taalschool Utrecht is die basis bewust uitgewerkt in routines, gezamenlijke taal en een gedeelde manier van kijken naar gedrag. Niet vanuit de gedachte dat alle leerlingen kwetsbaar of zielig zijn, maar vanuit professionele nieuwsgierigheid: wat laat een kind zien, wat weten we nog niet, en wat vraagt dit van ons handelen?

Het leertraject Stevige Start in Nederland laat zien hoe scholen van elkaar kunnen leren door theorie, observatie en teamgesprekken te verbinden. Daarbij gaat het niet om een kant-en-klaar model, maar om een manier van kijken: naar leerlingen, naar leerkrachten, naar het team en naar de relatie met ouders en thuis. Wie nieuwkomersonderwijs serieus neemt, kijkt dus ook kritisch naar eigen aannames, vanzelfsprekendheden en routines. Ik spreek hierover met Esther van Zoest, directeur van Taalschool Utrecht en Eva Schaepkens. Eva is leerkracht groep 7-8, onderwijskundig leider Taalschool ’s-Hertogenbosch en projectleider Talent 2 Teach bij Signum Onderwijs.

Kernpunten uit het gesprek

đź§­ Een sterke pedagogische basis maakt leren mogelijk. Rust, voorspelbaarheid en duidelijke routines helpen leerlingen om zich veilig te voelen en ruimte te krijgen voor taal, rekenen en sociaal-emotionele ontwikkeling.

🔍 Aannames staan professioneel handelen vaak in de weg. In nieuwkomersonderwijs zijn vanzelfsprekendheden zelden vanzelfsprekend; leerkrachten moeten steeds opnieuw nieuwsgierig en onderzoekend kijken.

🏫 Pedagogiek en didactiek zijn niet los van elkaar te zien. Pas wanneer de klas veilig, helder en voorspelbaar is, ontstaat er ruimte voor effectieve instructie en inhoudelijk leren.

🌍 Ouders zijn niet alleen betrokken als ze zichtbaar op school aanwezig zijn. Thuisbetrokkenheid kan juist plaatsvinden in kleine, dagelijkse gesprekken in de thuistaal.

🤝 Leren van andere scholen werkt krachtig wanneer je onderwijs in actie ziet. Observaties, gezamenlijke taal en een kernteam helpen om inzichten om te zetten in concreet professioneel gedrag.

Quotes uit het gesprek:

“Al mijn vanzelfsprekendheden zijn niet vanzelfsprekend voor deze kinderen.”

“Onze aannames zijn eigenlijk de dooddoener voor leren onze scholen.”

“Het heeft geen zin om te gaan bedenken dat al onze kinderen heel zielig zijn. Over het algemeen is er enorm veel veerkracht.”

Deze aflevering maakt deel uit van een bijzondere podcastserie, ontwikkeld in samenwerking met Ontwikkelkracht. Ontwikkelkracht is een landelijk programma dat scholen ondersteunt bij duurzame onderwijsontwikkeling, door wetenschap en praktijk met elkaar te verbinden en leren over de grenzen van scholen heen te stimuleren. In deze serie gaan we in gesprek met expertisescholen en betrokken professionals over thema’s als curriculumontwikkeling, krachtig onderwijskundig leiderschap en effectieve teamsamenwerking. We verkennen wat werkt, waarom het werkt en wat andere scholen hiervan kunnen leren. Wil je laagdrempelig meedoen of meer informatie over de expertisescholen? Check dan hier de link!

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Tijdstempels

00:30 – Nieuwe start
01:19 – Taalschool Utrecht
03:14 – Dappere leerlingen
05:12 – Expertise delen
06:21 – Pedagogische basis
08:09 – Gezamenlijke taal
11:37 – Drie lagen
13:42 – Culturele nieuwsgierigheid
15:53 – Kijkmoment school
18:45 – Traumasensitief lesgeven
21:38 – Curriculum taal
23:40 – Ouders betrekken
27:07 – Leren kijken
29:30 – Leiderschap borgen
32:49 – Emoties cultureel

Hoe wordt lezen onderdeel van je schoolidentiteit?

Lezen wordt pas krachtig wanneer het niet alleen een vaardigheid is, maar een herkenbaar onderdeel van de schoolcultuur. Op het Limus College in Vleuten gebeurt dat door vaste leesroutines, hoge verwachtingen en veel aandacht voor gesprekken over boeken met en tussen leerlingen. Zo lezen alle leerlingen jaarlijks meerdere titels, maar minstens zo belangrijk is wat er om dat lezen heen gebeurt: voorlezen, samen nadenken over belangrijke fragmenten, verbanden leggen met andere vakken en zoeken naar boeken die passen bij de leerling én voldoende uitdaging bieden. Het Limus college is één van de eerste inspiratiescholen in Nederland en slaagt erin op een mooie manier de brug te slaan tussen wetenschap en praktijk. Ik praat hierover met Karin Bennink. Aan de hand van diverse boeken en fragmenten legt ze uit hoe het onderwijsteam werkt met jeugdliteratuur in de klas.

Het gesprek laat zien dat leesmotivatie niet losstaat van kwaliteit. Plezier in lezen ontstaat wanneer docenten zorgvuldig en stapsgewijs weten te begeleiden naar complexere verhalen, andere genres en het herkennen van ‘meer’ of diepere lagen in teksten. Literatuur wordt zo meer dan ontspanning: het helpt leerlingen denken, argumenteren, reflecteren en zichzelf beter begrijpen. Juist door klein te beginnen, met een estafetteboek, een boekenweek, een gesprek of één goed gekozen fragment, kan lezen langzaam onderdeel worden van wie een school is. We staan in deze podcast ook stil hoe andere middelbare scholen stappen kunnen zetten met leesonderwijs!

Kernpunten uit de podcast:

📚 Lezen krijgt kracht wanneer het structureel onderdeel wordt van de schooldag, met vaste routines zoals voorlezen, estafetteboeken en gesprekken over wat leerlingen lezen.

đź§­ Leesmotivatie vraagt meer dan keuzevrijheid: leerlingen hebben ook begeleiding, sociale uitwisseling en passende uitdaging nodig om als lezer te groeien.

đź§  Literatuur kan denken verdiepen, bijvoorbeeld wanneer fictiefragmenten worden gekoppeld aan klimaat, debat, argumentatie en kritisch burgerschap.

🌱 Kleine ingrepen kunnen groot effect hebben: één goed boek, een passend genre of een zorgvuldig gesprek kan leesangst verminderen en vertrouwen opbouwen.

🏫 Lezen wordt schoolidentiteit wanneer het niet alleen bij Nederlands blijft, maar verbonden raakt met projecten, andere vakken en gezamenlijke ambities.

Quotes uit het gesprek

“Onze leerlingen lezen als ze vmbo-route doen vier boeken per jaar, als ze havo doen vijf boeken per jaar, vwo zes boeken per jaar ieder jaar. Het allermooiste is dat onze leerlingen dat eigenlijk heel normaal vinden.”

“Met boeken kan ik honderd levens leven. Ik kan tijdreizen, ik kan van alles doen.”

“Wij vinden de leesmotivatie belangrijk en tegelijkertijd zeggen we: de leeskwaliteit staat voorop.”

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. HĂ©t vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar Ă©n extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Boeken en bronnen die voorbijkwamen

Ryan & Deci – onderzoek naar motivatie, autonomie, competentie en relatie

Stichting Lezen – informatie en onderzoek rond leesontwikkeling en leesbevordering

Kennistafel Effectief Leesonderwijs – verbinding tussen wetenschap, beleid en praktijk

Alex Boogers – Wanneer de mieren schreeuwen

Edward van de Vendel – Hannes en Hassan weten meer dan jij

Brian Elstak – Tori

Marlies Slegers – Briefjes voor Pelle

Tijdstempels

00:04 – Leesonderwijs schoolidentiteit
01:02 – Leesroutines praktijk
03:44 – Voorlezen werkt
04:38 – Estafetteboek klas
07:03 – Persoonlijke motivatie
09:45 – Motivatie kwaliteit
12:18 – Leesangst overbruggen
15:14 – Leerlingen kennen
16:48 – Kerndoelen bevestiging
18:13 – Lezen denken
22:26 – Tijdsinvestering toetsbeleid
25:16 – Vakoverstijgend samenwerken
30:53 – Boekenspel werkvorm
32:33 – Leesreflectie identiteit
34:05 – Hoge verwachtingen

Zicht op vakmanschap in het voortgezet speciaal onderwijs

Voor deze podcast ben ik te gast bij VSO De Korte Dreef in Borculo. De Korte Dreef richt zich op jongeren die moeilijk lerend zijn en die een voortdurende en/ of intensieve ondersteuningsbehoefte hebben in de thuis, school- en/ of vrijetijdssituatie. In de leeftijd vanaf 11-12 jaar tot maximaal 20 jaar. Er gaan hier ongeveer 125 leerlingen naar school en er werken 39 fulltime gespecialiseerde onderwijsprofessionals. We zijn hier in een prachtige omgeving, waar je buiten kunt sporten, leren, bewegen en werken! Aan tafel zitten: Stijn Steentjes, leerlingcoordinator bovenbouw van de afdeling arbeid. Thomas Helmers, mentor, leerkracht in de onderbouw. En Latifa Bouzoeggar, mentor en coördinator van de IBO-groepen (intensieve begeleiding in het onderwijs).

Soms begint onderwijs niet bij een methode, een toets of een lesdoel, maar bij de vraag of een leerling ĂĽberhaupt weer over de drempel durft te stappen. Bij VSO De Korte Dreef in Borculo staat dat spanningsveld centraal: jongeren die vaak al veel afwijzing hebben ervaren, krijgen er opnieuw perspectief op leren, werken en meedoen. Dat gebeurt niet door de lat te verlagen, maar door leren kleiner, concreter en relationeler te maken. Een ontbijt, een spel buiten, een interne stage, een coachgesprek of een certificaat zijn geen losse activiteiten, maar zorgvuldig gekozen momenten waarop leerlingen oefenen met vertrouwen, verantwoordelijkheid en samenleven.

In het gesprek wordt zichtbaar hoe vakmanschap in het voortgezet speciaal onderwijs bestaat uit voortdurend afstemmen: nabij zijn zonder alles over te nemen, begrenzen zonder af te wijzen, ruimte geven zonder richting kwijt te raken. De school werkt met kleine stappen, soms letterlijk in millimeters, maar steeds met een groter perspectief voor ogen: dat leerlingen ervaren dat ze ertoe doen, ergens naartoe kunnen groeien en een betekenisvolle plek kunnen vinden in de samenleving.

Kernpunten uit het gesprek

🌱 Leren begint met vertrouwen. Voor leerlingen die langdurig thuis hebben gezeten of vaak zijn vastgelopen, is aanwezigheid op school soms al een grote stap.

đź§­ Perspectief geeft richting. De Wall of Fame laat leerlingen zien dat uitstroom naar werk of dagbesteding haalbaar is en betekenis kan hebben.

🤝 Samen is een didactische keuze. Samen ontbijten, spelen, werken en reflecteren zijn manieren om sociale vaardigheden en burgerschap concreet te oefenen.

🎯 Succeservaringen worden bewust opgebouwd. Certificaten, stages en kleine leerdoelen helpen leerlingen ervaren dat ontwikkeling mogelijk is.

⚖️ Nabijheid en begrenzing horen bij elkaar. Leerlingen krijgen ruimte om fouten te maken, maar binnen een duidelijke structuur die veiligheid biedt.

Quotes uit het gesprek:

“Die kleine millimeters aan het begin en die succeservaringen, dat kan uiteindelijk leiden tot kilometers.”

“Het belangrijkste is: de leerling moet daar zijn, moet er met plezier zijn en moet het gevoel hebben: ik heb een meerwaarde voor de samenleving.”

“Wij zijn de bijrijder en we kunnen af en toe bijsturen, maar zij zijn leading.”

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Wat doen zwarte zwanen scholen anders?

Kansengelijkheid en onderwijskwaliteit worden vaak besproken alsof scholen moeten kiezen: óf toegankelijker worden, óf de lat hoger leggen. Het gesprek met Iliass El Hadioui laat juist zien waarom die tegenstelling tekortschiet. Sommige scholen slagen erin om leerlingen uit kapitaalarme omgevingen structureel méér leerontwikkeling te bieden, zonder hun pedagogische opdracht te versmallen tot toetsresultaten. Zulke scholen noemt hij zwarte zwanen: uitzonderingen binnen het systeem die tegen de verwachting in veel impact hebben. Hij schreef hierover een nieuw boek: Zwarte Zwanen Scholen, over ik, wij en de cultuur van hoge verwachtingen.

Het interessante is niet dat deze zwarte zwanen scholen een wonderrecept hebben uitgevonden. Het gaat eerder om een verfijnde professionele cultuur waarin individualiteit en collectiviteit elkaar versterken. Leraren behouden hun vakmanschap en autonomie, maar weten ook wanneer gezamenlijke afspraken nodig zijn. Schoolteams durven te kiezen, prioriteren en handelen naar wat zij weten over hun leerlingen. Eerder sprak ik Iliass in aflevering 373 over de vraag hoe te bouwen aan een cultuur van hoge verwachtingen.

Kernpunten uit de podcast:

âš« Zwarte zwanenscholen combineren kansengelijkheid met hoge onderwijskwaliteit. Ze laten zien dat inclusiever onderwijs niet hoeft te betekenen dat de lat lager komt te liggen.

🧭 De kern zit niet in één methode, maar in cultuur. Sterke scholen verbinden individuele professionaliteit met collectieve verantwoordelijkheid, zonder te vervallen in los zand of groepsdenken.

📊 Data krijgen pas betekenis in samenhang. Lage leerresultaten, hoge medewerkerstevredenheid of sterke basisrust zeggen afzonderlijk weinig; de vraag is hoe scholen die gegevens met elkaar verbinden.

🌱 Sense of belonging en cognitieve ontwikkeling horen bij elkaar. Leerlingen moeten zich verbonden voelen, maar die verbondenheid moet ook gekoppeld zijn aan groei, zelfvertrouwen en leervermogen.

🔍 Niet alles tegelijk willen doen is een vorm van professionaliteit. Zwarte zwanenscholen kiezen enkele prioriteiten en werken daar systematisch en langdurig aan.

Quotes uit het gesprek

“De kern van zwarte zwaneninstituten is dat ze productiever zijn. Ze zijn in staat om de ervaren of geconstrueerde problemen van mensen daadwerkelijk op te lossen.”

“Het theoretiseren van de praktijk en het praktiseren van theorie: die tweebenigheid is denk ik echt essentieel.”

“We zijn heel goed in dingen erbij doen, maar we zijn met elkaar gewoon niet zo goed om dingen uit het curriculum te halen.”

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. HĂ©t vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar Ă©n extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Tijdstempels

00:04 – Onderwijskundige start
02:00 – Kansengelijkheid en Kwaliteit
03:22 – Zwarte Zwanen
05:30 – Toetscultuur en Verschillen
08:22 – Afwijkende Scholen
10:22 – Theorie Praktijk
12:20 – Collectieve Verwachtingen
15:21 – Pedagogische Vraagstukken
16:20 – Individualiteit Collectiviteit
20:08 – Productief Handelen
24:02 – Data Duiden
27:55 – Groter of Kleiner
31:21 – Vooroordelen Doorbreken
36:21 – Samenwerken Afbakenen
39:54 – Verbonden Leren

Hoe maak je van data zuurstof voor meer werkgeluk in het onderwijs?

Werkgeluk klinkt soms als een zacht begrip, maar in scholen raakt het aan harde vragen: blijven mensen gezond aan het werk, kunnen teams zich ontwikkelen en lukt het om goed onderwijs te geven vanuit plezier en rust? Guy van Liemt en Paul Baan laten vanuit onderzoek zien dat werkgeluk niet gaat over oppervlakkig plezier, maar over duurzaam functioneren: energie, veiligheid, ontwikkeling, autonomie en een team waarin mensen zich gedragen voelen.

Het gesprek draait daarmee om een scherpe verschuiving: niet sturen op symptomen, maar kijken naar de oorzaken eronder. Werkdruk, verzuim en verloop zijn vaak signalen van iets fundamentelers: onvoldoende ruimte voor ontwikkeling, gebrekkige focus of een team dat geen stevige thuisbasis meer vormt. Data helpen dan niet om harder te controleren, maar om preciezer te zien aan welke knoppen een school werkelijk kan draaien. Meedoen aan het onderzoek van Klassewerkplek? Kijk hier!

Een aantal highlights die in deze podcast voorbijkomen:

🧭 Werkgeluk gaat niet over “leuk doen”, maar over duurzaam goed functioneren: energie, veiligheid, competentie, autonomie en ontwikkeling.

📊 Data zijn waardevol als spiegel, maar verliezen hun kracht zodra ze worden gebruikt om mensen of teams af te rekenen.

🌱 Scholen die sterk scoren op werkgeluk laten volgens Paul Baan minder verzuim, minder verloop en betere onderwijsresultaten zien.

🏫 De kwaliteit van het team als thuisbasis is een cruciaal fundament: als die basis stevig is, kunnen scholen veel meer dragen.

🎯 Verbetering vraagt focus: kies enkele gerichte acties, geef teams eigenaarschap en voorkom dat werkgeluk verandert in een nieuw projectencircus.

Deze aflevering maak ik samen met Klassewerkplek. Dit jaar brengen we samen scholen in kaart die erin slagen werk te maken van werkgeluk in het onderwijs en het predicaat Klassewerkplek dragen. We leggen de relatie met kwaliteit, samenwerken en hoge verwachtingen naar leerlingen! Kijk voor meer informatie op www.klassewerkplek.nl.

Quotes uit de podcast:

“Werkgeluk is gewoon een hefboom voor duurzame inzetbaarheid, voor verzuim, verloop, kwaliteit en incidenten.”

“Focus op werkdruk is symptoombestrijding.”

“We gebruiken data niet om af te rekenen. We moeten patronen blootleggen en van daaruit verder bouwen.”

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Tijdstempels:

00:05 – Werkgeluk onderwijs
01:16 – Duurzaam functioneren
03:09 – Klassewerkplek onderzoek
04:03 – Geen luxe
06:53 – Onderwijsresultaten werkgeluk
08:23 – Symptomen oorzaken
12:59 – Data spiegel
14:47 – Werkdruk fascinatie
17:06 – Team basis
20:27 – Autonomie kaders
23:53 – Strategische pijler
27:35 – Focus kiezen
31:49 – Analyse duiding
34:53 – Drijvende factoren
38:20 – Lerarentekort werkgeluk

Wat kunnen onderwijsgedichten ons leren?

Onderwijsgedichten lijken op het eerste gezicht misschien een niche: poëzie over school, leraren, leerlingen, lezen, rekenen en orde handhaven in de klas. Maar wie ze historisch naast elkaar legt, ziet iets groters ontstaan. Ze laten zien welke vragen het onderwijs al eeuwen met zich meedraagt: hoe wek je nieuwsgierigheid? Wat betekent het om kinderen toegang te geven tot taal, kennis en rekenen? Hoe voorkom je dat het curriculum steeds voller raakt? En wat vraagt onderwijs van de leraar?

Henk Sissing stelde samen met Theo Magito een omvangrijke bundel samen met Nederlandstalige onderwijsgedichten vanaf de dertiende eeuw tot nu. In deze podcast leest Henk Sissing meerdere gedichten. We reflecteren vervolgens op de onderwijsvraagstukken van toen en nu. Uit de bundel komt een verrassend beeld naar voren: veel onderwijskwesties die vandaag urgent voelen, zijn niet nieuw. Kansengelijkheid, leesvaardigheid, praktische toepasbaarheid van rekenen, de voorbeeldrol van de leraar en de overladenheid van het onderwijs keren bijvoorbeeld regelmatig terug. Juist poëzie maakt die continuïteit zichtbaar. Niet als beleidsnota of onderwijskundig model, maar als geconcentreerde leeservaring. Een gedicht kan ons misschien in enkele regels laten zien waar onderwijs om draait: nieuwsgierigheid, overdracht, vorming, mededogen en de vraag wat kinderen nodig hebben om hun wereld te vergroten.

Kernpunten uit de podcast:

🔍 Onderwijsgedichten maken zichtbaar dat veel actuele onderwijsvragen een lange geschiedenis hebben. Thema’s als lezen, schrijven, rekenen, kansengelijkheid en curriculumdruk keren al eeuwen terug.

📚 Lezen wordt in het gesprek niet alleen gezien als vaardigheid, maar als toegang tot de wereld. Leraren hebben daarin een voorbeeldrol: kinderen moeten kunnen zien dat volwassenen zelf lezen, zoeken en denken.

đź§­ Nieuwsgierigheid is een terugkerend motief. Een leraar die zelf geraakt is door de wereld, kan leerlingen meenemen in verwondering, onderzoek en zelfstandig denken.

⚖️ Kansengelijkheid blijkt geen modern beleidswoord alleen. Al in oudere teksten klinkt de oproep om arme kinderen via onderwijs bescherming, ontwikkeling en perspectief te bieden.

🧩 De overladenheid van het curriculum is hardnekkig. Nieuwe thema’s worden vaak toegevoegd, maar de vraag wat er dan vanaf gaat, blijft moeilijk te beantwoorden.

Quotes uit het gesprek

“Als je zelf niet nieuwsgierig bent, hoe kun je je nieuwsgierigheid dan overdragen aan je leerlingen?”

“Waar is 600 jaar later ons mededogen gebleven? Waar is onze compassie gebleven?”

“We zijn heel goed in dingen erbij doen, maar we zijn met elkaar gewoon niet zo goed om dingen uit het curriculum te halen.”

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. HĂ©t vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar Ă©n extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Tijdstempels

00:03 – Ontstaan van de bundel
02:39 – Gedichten zoeken
04:50 – Historische thema’s
06:43 – Favoriet gedicht
10:42 – Onderwijs marketing
15:02 – Nieuwsgierige van de leraar
18:11 – Wereld openen
24:18 – Gelijke kansen
31:28 – Lezen leren
34:00 – Leesvoorbeeld tonen
39:02 – Rekenen toepassen
42:49 – Caribische stemmen
44:45 – Lofdicht leraar
47:06 – Curriculum overladen
50:30 – Slotreflectie onderwijs

Hoe ontwikkel je een levend taalbeleid?

Op het Vlietland College zagen collega’s dat leerlingen niet altijd meer vanzelfsprekend plezier hadden in het lezen van literatuur. Ook bij andere vakken dan Nederlands, Engels of Frans lagen kansen om taal bewuster te verbinden aan het leren: bij het lezen van opdrachten, het begrijpen van vaktaal en het zorgvuldig formuleren van antwoorden. Daarom begon de school kleinschalig, met taal als onderdeel van alledaagse activiteiten in de les.

In dit gesprek laten Tommy Hopstaken en Joran Pereira zien hoe taalbeleid kan uitgroeien tot een gedeelde schoolcultuur. Niet door grote plannen op te leggen, maar door klein te beginnen: vijf minuten lezen aan het begin van elke les, een positieve taalbonus op toetsen, een taalkaart als hulpmiddel en een mediatheek die leerlingen helpt om boeken te vinden die bij hen passen.

Opvallend is hoe zorgvuldig de school werkt met gegevens uit de eigen praktijk. Via een jaarlijkse taalscan worden leerlingen, collega’s, ouders en schoolleiding betrokken. Zo ontstaat beleid dat niet alleen evidence-informed is, maar ook past bij de context van de school. Taal wordt hier niet gezien als een apart vakgebied, maar als voertuig voor leren, denken en formuleren in alle vakken.

Kernpunten uit het gesprek

📚 Taalbeleid leeft pas als het zichtbaar wordt in routines, ruimtes en gesprekken binnen de school. Op het Vlietland College gebeurt dat via lezen in alle lessen, posters, toetsafspraken en speelt de mediatheek een belangrijke centrale rol.

đź§© Kleine interventies kunnen veel draagvlak creĂ«ren. Zo werkt de taalbonus vooral omdat die positief, haalbaar en beperkt is: één ‘geheime’ toetsvraag wordt ook expliciet op taal bekeken.

🔍 De jaarlijkse taalscan maakt taalbeleid concreet en cyclisch. Door op één dag gegevens te verzamelen bij leerlingen, ouders, collega’s en schoolleiding ontstaat een breed beeld van taalniveau, leesmotivatie, taalplezier en taalcultuur.

🧑‍🏫 Een sterk taalteam bestaat niet alleen uit docenten Nederlands. Juist de combinatie met wiskunde, andere vakken, de mediathecaris en schoolleiding maakt het beleid schoolbreed en praktisch uitvoerbaar.

🌱 Evidence-informed werken betekent hier niet dat alles vooraf perfect bewezen moet zijn. Wetenschappelijke literatuur, professionele ervaring en kennis van de eigen schoolcontext worden naast elkaar gebruikt.

Quotes uit het gesprek:

“Levend taalbeleid betekent volgens mij dat je met zijn allen een taalcultuur op school creëert waarbij het vanzelfsprekend is dat taal belangrijk is.”

“We kwamen er al gauw achter: volgens mij moet je het juist positief maken en een bonus geven als het wel goed gaat.”

“Je kan dat plan wel kopiëren, maar dan kopieer je niet de kennis.”

Deze aflevering maakt deel uit van een bijzondere podcastserie, ontwikkeld in samenwerking met Ontwikkelkracht. Ontwikkelkracht is een landelijk programma dat scholen ondersteunt bij duurzame onderwijsontwikkeling, door wetenschap en praktijk met elkaar te verbinden en leren over de grenzen van scholen heen te stimuleren. In deze serie gaan we in gesprek met expertisescholen en betrokken professionals over thema’s als curriculumontwikkeling, krachtig onderwijskundig leiderschap en effectieve teamsamenwerking. We verkennen wat werkt, waarom het werkt en wat andere scholen hiervan kunnen leren. Wil je laagdremelig meedoen of meer informatie over de expertisescholen? Check dan hier de link!

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!

Tijdstempels

00:23 – Introductie en ontwikkelkracht
01:07 – Levend taalbeleid
02:49 – Wiskunde en taal
03:57 – Eerste aanleiding
05:42 – Vijf minuten
07:59 – Taalcultuur bouwen
09:40 – Taalbonus toetsen
12:25 – Taal zit in ons DNA
13:42 – Taalscan dag
16:13 – Mediatheek veranderen
18:10 – Slim taalteam
19:35 – Onderzoek gebruiken
22:58 – Taalkaart toetsen
24:43 – Veelgemaakte fouten?
28:49 – Expertise delen

Behaviour in the classroom: Why should we hold the line?

Positive behaviour in the classroom is not a side issue in education. It shapes whether pupils can focus, whether teachers can teach, and whether a school becomes a place of shared expectations rather than individual negotiation. The conversation with Olivia Dear and Sarah Dear centres on one deceptively simple phrase: hold the line. The wrote a great book about it!

That phrase does not mean being harsh for its own sake. It means making expectations clear, applying them consistently, and giving pupils the support they need to meet them. Especially for pupils facing difficulties outside school, consistency can be one of the most stabilising things education provides. Lowering expectations may feel compassionate in the moment, but it can also quietly deny young people the chance to develop habits that matter beyond school: punctuality, attention, independence, responsibility.

The discussion moves from individual classroom routines to whole-school culture. A teacher can plan carefully, teach routines explicitly, and practise classroom transitions, but lasting behaviour culture depends on collective agreement. Schools need to decide what they value, translate those values into concrete behaviours, and help staff act in alignment. Leadership, in this view, is not about rigid control but about continual refinement: staying visible, listening carefully, and returning again and again to the conditions that help pupils learn.

Keypoints of the podcast:

đź§­ Behaviour should not be left to chance. Olivia and Sarah argue that teachers need to plan behaviour just as deliberately as they plan curriculum and instruction.

⚖️ High expectations require high support. Holding pupils responsible does not mean ignoring their needs; it means scaffolding them toward independence rather than lowering the standard.

🏫 Classroom culture depends on school culture. Individual teachers can do a great deal, but consistent behaviour becomes much stronger when the whole school shares one clear line.

đź‘€ Leadership needs visibility and curiosity. Strong school culture is built through daily attention, open discussion, and continual refinement rather than fixed rules alone.

⏱️ Time on task is fragile. Small routines—entry, attention, silence, transitions—matter because they protect pupils’ opportunity to learn.

Quotes:

“Behaviour management is something that we all struggle with because you’ve got 30 different personalities in the classroom, but it doesn’t have to be that case.”

“Keep the expectations high and say: I know that you can do this. I believe that you can do this. I’m holding you responsible.”

“A school can only have one successful culture, and that should be the culture that the school has written, the parents have signed up to, and the children have agreed to.”

Tjipcast wordt mogelijk gemaakt door:

Wetenswaardig. Wil jij thematisch onderwijs realiseren, op basis van directe instructie, rijke teksten, en ook nog eens volledig kerndoel dekkend zijn? Wetenswaardig is een compleet uitgewerkte lesmethode voor leraren in het primair onderwijs. Nieuwsgierig? Kijk op Wetenswaardig voor meer informatie!

JSW. HĂ©t vakblad voor leerkrachten en onderwijsprofessionals. JSW is praktijkgericht, duidelijk en toegankelijk! En wist je dat JSW ook een thematisch deel heeft? Met zes rijke edities per schooljaar Ă©n extra inspiratie via de website en nieuwsbrief blijf jij zo helemaal bij! Bijvoorbeeld nieuwsgierig naar basisvaardigheden, burgerschap, meertaligheid, sociaal emotionele ontwikkeling of actuele ontwikkelingen op het gebied van lezen? 

Tijdstempels

00:05 – Opening Context
01:12 – Behaviour Culture
03:07 – Michaela Experience
04:20 – Holding Lines
07:32 – Individual Needs
10:09 – Punctuality Expectations
12:52 – Shared Agreements
14:25 – Independence Scaffolding
16:58 – Michaela school
21:08 – School Management
23:28 – Dynamic Leadership
27:42 – Behaviour Systems
29:59 – Classroom Planning
36:23 – Concrete Values
40:15 – Shared Culture

Hoe werk je samen aan de ontwikkeling van een betekenisvol schoolexamen?

Een betekenisvol schoolexamen krijgt vorm wanneer scholen hun visie, vakmanschap en vertrouwen in leerlingen met elkaar verbinden. Wat wil je dat leerlingen laten zien? Welke toetsvorm past daarbij? En hoe kan het Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA) ruimte bieden voor eigenaarschap, samenhang en verdieping? Dit is de derde aflevering in een drieluik over het waardevol schoolexamen, gemaakt in samenwerking met de VO-raad en het programma Voortgezet Leren. Centraal staat de vraag hoe je samen werkt aan een schoolexamen dat niet alleen zorgvuldig en betrouwbaar is, maar ook herkenbaar aansluit bij de identiteit van de school en de ontwikkeling van leerlingen.

Te gast zijn Maaike Ditzel, docent Nederlands op Dalton Den Haag, mentor van 6V, schoolopleider en voorzitter van de examencommissie, en Sjabbo Smedes, teamleider van de mavo aan het Bonhoeffer College in Enschede.

Aan de hand van voorbeelden zoals leeskringen, mondelinge examens, flexibele toetsvormen en een profielwerkstuk in de vorm van een dichtbundel laten zij zien hoe toetsing meer betekenis kan krijgen. Maaike vertelt over een oud-leerling die haar eigen poëzie wilde uitgeven en daarbij onderzoek deed naar puberpoëzie, vormgeving, papierkeuze en publicatie. Zo werd het profielwerkstuk niet alleen een verplicht eindproduct, maar een persoonlijk en inhoudelijk leerproces waarin ruimte ontstond om vakinhoud, eigenaarschap en creativiteit met elkaar te verbinden. De examencommissie speelt daarin een belangrijke rol: als bewaker van kwaliteit, maar ook als gesprekspartner die helpt om ruimte binnen de kaders goed te benutten.

Kernpunten uit het gesprek:

🔍 Het PTA biedt meer ruimte dan vaak gedacht. Scholen kunnen binnen de kaders zelf bepalen welke toetsvormen passen bij hun visie, vakdoelen en leerlingen.
đź§© Een betekenisvol schoolexamen vraagt om samenhang. Toetsing kan verbinding leggen met vaardigheden, burgerschap en schoolidentiteit.
🗣️ Andere toetsvormen kunnen ook leermomenten zijn. Een mondeling, leeskring of presentatie maakt directe feedback mogelijk en geeft leerlingen de kans om tijdens het toetsen nog te leren.
⚖️ Flexibiliteit vraagt om zorgvuldige beoordeling. Variatie in toetsvormen is mogelijk, maar vraagt steeds de vraag of leerlingen op een eerlijke en vergelijkbare manier worden beoordeeld.
🌱 Verandering lukt beter in kleine stappen. Door initiatieven te delen, secties te ondersteunen en de examencommissie als sparringpartner te gebruiken, kan vernieuwing langzaam verankeren.
ter een logische afsluiting wordt.

Quotes uit het gesprek:

“Je ziet die hele vernieuwing die eraan zit te komen, niet meer als een soort donderwolk op je afkomen. Je moet het echt als een kans zien.”

“Leerlingen kunnen echt veel meer dan je denkt.”

“Het PTA is van jou, is niet van de inspectie. Als je hem eenmaal hebt opgesteld, dan gaat de inspectie controleren of je ook daarnaar handelt.”

Deze aflevering maak ik in samenwerking met de VO-raad en het programma voortgezet leren. De VO-raad behartigt de belangen van het voortgezet onderwijs bij politiek, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties. Daarnaast bevordert de VO-raad de kwaliteit van het onderwijs in Nederland door schoolbestuurders en schoolleiders te faciliteren bij hun vervullen van hun taak. Samen maken we drie afleveringen over een waardevol schoolexamen. We gaan op zoek naar de bouwstenen hoe een schoolexamen beter kan aansluiten bij de visie van school en hoe je meer kleur in het schoolexamen kunt krijgen. Dit is de laatste aflevering van een drieluik.

Tijdstempels

00:00 – Waardevol schoolexamen
01:35 – Kleine stappen
03:09 – Puberpoëzie maken
05:09 – Oude toetsing
06:32 – Voorspelbaarheid bieden
08:14 – Examencommissie zoeken
09:50 – Nieuwe eindtermen
11:19 – Kritisch toetsen
12:16 – Mondeling geschiedenis
13:45 – Leeskringen organiseren
17:23 – PTA ruimte
19:18 – Daltonwaarden vertalen
21:18 – Duurzaam veranderen
26:52 – Eerlijk beoordelen
34:37 – Vak heruitvinden

Bekijk ons gesprek eens op YouTube!